Stichting Atherin

LARP - Stichting Atherin
 
IndexIndex  KalenderKalender  FAQFAQ  ZoekenZoeken  GebruikerslijstGebruikerslijst  GebruikersgroepenGebruikersgroepen  RegistrerenRegistreren  Inloggen  

Deel | 
 

 Geschriften van Ysiwit

Ga naar beneden 
AuteurBericht
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:13 am

*Deel 1*

Nadat de Goden Atherin verlaten hadden raakte Lygann Kraw in Oorlog met het machtige Awani.
Jaswit Tra Nee was in de kracht van zijn leven , door de grote Slaneesh met Chaos getooid , tot Kampioen verheven ,en heel Lygann Kraw volgde hem dan ook eendrachtig toen hij optrok tegen Kattaan I , de Kampioen van Awani .
Een van hen was een jonge vrouwe van oude bloedlijn , Ysiwit genaamd .
Zij was van ongekende schoonheid , heur haar was ravenzwart , haar ogen diep bruin ,haar verschijning bevallig maar krachtig , en zij was begiftigd met de vrije, oeroude geest van onze wouden waarin zij was opgegroeid .
Toen haar ouders tot een huwelijk hadden besloten met een voornaam man uit adelijk geslacht , had zij trots geweigerd , zich tot hun ontzetting volledig tot de grote Slaneesh gewijd , en was in het leger van Jaswit naar
Awani vetrokken .
Zij zonden hun drie laffe zonen , die niet eens voornemens waren geweest om naar Awani te trekken ,
met een aanzienlijk aantal krijgers uit , teneinde haar terug te halen , zodat het huwelijk alsnog
voltrokken zou kunnen worden.

Wij allen weten , in die eerste tijden verliep de strijd voorspoedig , en Jaswit wist onze legers
zegerijk tot ver in Awani te leiden .
Toen begon hij zelfs troepen en voorraden te verzamelen om de sterkte bij Kell te belegeren .
Ysiwit , die het zwaard gedurende de talloze veldslagen vaardig had leren hanteren ,
behoorde tot een afdeling die hiervan deel uitmaakte .
Niet alleen in het gebruik van een zwaard had zij zich bekwaamd , ondertussen had zij zich tevens
toegelegd op het ter rite gaan , en te offeren aan de grote Slaneesh .
Zoals het de grote God van Chaos ter zijner heil van haar vereiste ,
schonk en nam zij genot en pijn als het haar zinde
en offerde menigeen die zij verleidde ter zijner glorie in bloederige zelfgenoegzaamheid .
Soms de onvoorstelbare troost van een verloren krijger ,
soms de wrede dood voor een man zonder angst .
Het duurde niet lang , of haar naam werd met ontzag uitgesproken .
Toen kwam deze ook Jaswit ter ore ,en hij zond een bode voor haar .

Als eerder was Ysiwit een trotse vrouwe , en stuurde de bode heen met wederbericht ,
als dat zij hier was ,vanwege haar wil en niet de zijne ,
en als hij haar zien wilde , dat zij te vinden was in haar tent voor de sterkte van Kell .
Velen die er van vernamen spreken er schande van ,
meer nog van hun onverschrokken broeders ,
die zo zelfingenomen hadden getracht zich aan haar te vergrijpen , en het niet konden navertellen !
Wie trotseert dan een Kampioen ?
Maar anderen wisten beter , op de rand van hun dood had zij ze bemind , hun wonden gelikt
en nieuw leven gegeven .
Wie trotseert dan een God ?
Nu spraken zij voor haar .

Korte tijd daarna , arriveerden voorbodes in het kampement bij Kell ,
zij kondigden de komst van Kampioen Jaswit Tra Nee en zijn gevolg aan .
Zo kwam de Kampioen met zijn gezelschap binnen rijden , en na inspectie van de stellingen
verzocht hij samen met enkele aanvoerders de toegang tot de tent van de trotse vrouwe Ysiwit .
Zij verleende die , en binnen bespraken zij frank vele belangrijke zaken .
Nu raakte ook een der aanvoerders van haar schoonheid bevangen en hij nam zich voor
haar in de aanstaande nacht de zijne te maken .

Toen de duisternis gevallen was , sloop hij ongezien van zijn kwartier naar haar tent ,sneed deze aan de
achterkant open , en begaf zich naar binnen .

De volgende ochtend , toen Astarte op kwam in het Oosten en Awani ’s Trots bloedrood kleurde ,
werd in het Kampioenskwartier appel gehouden .
Hier bleek al snel dat een werd gemist .
Nog voor een zoektocht was opgezet , verscheen Ysiwit en zij wierp het hoofd van de vermiste
voor Jaswits voeten ,hem daarbij de vraag stellende wat zulks te betekenen had .
Jaswit Tra Nee , was eerst verbijsterd , zag toen de ernst van het voorval in , en sprak
verzoenende en helende woorden , hopende dat de zaak niet uit de hand zou lopen .
Hiermee nam Ysiwit aanvankelijk genoegen .

Maar onder de leden van het kampioensgevolg , heerste een verborgen woede .
Een van hun kameraden was vermoord en zij zworen zijn dood te wreken .

De volgende dag ,bleek op het ochtendappel in het kampioenskwartier dat twee gemist werden.
Ysiwit verscheen en wierp de twee hoofden van de vermisten voor Jaswits voeten , daarbij wederom de vraag stellend , wat zulks te beteken had .
Nu raakte Jaswit Tra Nee met ontzag voor deze trotse vrouwe vervuld .
Had zij niet eigenhandig drie van zijn meest vooraanstaande aanvoerders in hun schande gedood ,
geofferd aan de Grote Slaneesh die hem tot Kampioen had uitverkoren .
Daarom richtte hij verbolgen woorden tot zijn gevolg .
Tevens beval hij hen het vertrek voor te bereiden .
De verborgen woede , en de gezworen eed , kon hij niet wegnemen.

Jaswit Tra Nee vroeg haar toen deel te nemen aan zijn gevolg , maar zij weigerde en ging
terug naar haar tent .
Even hierna vertok De Kampioen met zijn gezelschap naar de Dellem , waar de hoofdmacht
gelegerd was .
Ysiwit deed hen geen uitgeleide .

Op een dag besloot de bevelhebber van de belegeringstroepen de Sterkte stormerhand te nemen .
Allen vonden het waanzin , en verkozen liever de langdurige uithongering , dan de tot mislukken
gedoemde bestorming van de drie machtige ringen van de Kellveste , maar de bevelhebber wilde van geen
weerwoord weten , en beval de aanvoerders hun troepen hierover in te lichten .
Toen beval hij tot de vervaardiging van vele ladders en de
bouw van een aantal torens van hout op wielen,in hoogte gelijk aan Kells muren .
De dag van de aanval was aangebroken en de aanvoerders stelden hun troepen op .
Zo kwam Ysiwits afdeling in de voorste rangen te staan .
Haar afdeling bestond uit dappere , doorgewinterde krijgers die nergens voor terugdeinsden .
Toch hadden de meesten reeds voor de slag hun leven aan de Grote Slaneesh geofferd .
Ysiwit had dat niet gedaan ,zij was niet van zins in de aanstaande strijd te vallen .
Haar offer aan haar Grote God zo had zij verkozen ,wachtte op de muren van Kell .

In de vroege rode ochtend werden te torens onder een regen van pijlen en stenen
tegen de muren aangeschoven . De verliezen waren enorm , maar na verloop van tijd
wisten groepjes , delen van de eerste ringmuur te bezetten .
Hierbij was ook Ysiwit ,zij vocht een verbeten maar verloren strijd .
De Awani staken een voor een de houten torens in brand ,en wierpen steeds de ladders om .
Toen pas zag de bevelhebber de gevolgen van zijn besluit in ,
Hij beval de terugtocht en sloot zich daarna dagenlang op in zijn tent .

Samen met nog enkelen , was Ysiwit verloren achter gebleven op de muren van Kell .
Hier kwam zij in gevecht met een Awani ,die te sterk voor haar was .
Even zagen zij elkaar in het gelaat ,en in de ogen .
Hij besloot haar te ontwapenen ,haar leven te sparen en nam haar in gevangenschap .
Zij werd zolang de oorlog duurde , ter vergetelheid veroordeeld ,
en opgesloten in een kleine donkere kerker in de derde ring.
Maar lang duurde haar gevangenschap niet .

Enkele manen na haar gevangenneming , verloor de hoofdmacht van het leger
uit Lygann Kraw onder Jaswit Tra Nee , de slag op de velden aan de Dellem .
Dientengevolge diende hij het beleg van de Sterkte bij Kell op te geven , en zich algeheel terug te trekken .
De Awani wierpen de overblijfselen van het eens zo trotse leger terug tot in de wouden ,
en Jaswit zag zich gedwongen tot onderhandelen en te pogen een zo redelijk mogelijke overgaveregeling
te bedingen .
De Awani legden Lygann Kraw echter hoge schattingen op , en eisten vele gijzelaars .


Zo kan het gaan , als De Grote Slaneesh of de Grote Tcheens beschikken .
Was het hun daad , wie zal het zeggen .
Een Chaos God neemt de levens van legers om een eenling te redden evenzo als hij
De eenling in lijden laat sterven , om legers te laten leven .
Het is hen om het even .
en aan geen van ons is het om hun daden en aard te beoordelen .
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:14 am

Volgens de nieuwe wetten van de Awani werd de krijgsgevangenen de keuze gelaten ,
Of zij keerden terug naar hun land en werden nooit meer geduld in Awani ,
Of zij bleven , beloofden trouw aan Kattaans huis en een jaar in dienst van een Awani
te staan ,waarna men een vrije Awani werd .
De meeste kozen voor de terugkeer , maar enkelen onder wie Ysiwit verkozen te blijven .
In Lygann Kraw was niets waarnaar zij terug verlangde .
In een grote zaal van Kell werden zij geboeid aan een uitgelezen groep Awani ,
die zich in de afgelopen oorlog heldhaftig gedragen had ,voorgeleid .
Door loting werd iedere krijgsgevangene aan een van hen toegewezen .
Alle ogen waren op haar gericht , als ware zij de grote prijs .
Enkelen , likten zich verwachtingsvol de lippen , maar een voor een dropen zij verdroten
af toen hun lot voor hen een niet bleek .
Ysiwits lot trof een statige ,oude krijger, grijs en door vele oorlogen getekend .

Toen nam een tweetal wachters haar mee ,onder de nachtelijke hemel door de drie gekleurd ,
langs vele weergangen en trappen, door vele poorten en over lange dwingels
naar een klein kampement nabij de tweede ringmuur .
Hier leverden zij haar af bij een door toortsen verlichte tent waarvan
het voordoek omhoog gespannen was ,en waarbinnen enkele oude vrouwen
rondom een laag vuur waren gezeten .

Nadat de wachters uit het zicht waren verdwenen , wierpen zij zich als geestdriftige honden op Ysiwit .
Hun gerimpeld handen fladderden over haar lichaam .
Al snel bleek dat zij haar wilden ontkleden , maar Ysiwit verzette zich .
Om het te doen oplaaien gooiden enkele vrouwen hout op het vuur dat midden in de tent brandde .
Anderen kwamen met grote , fraai versierde ijzeren ketels, gevuld met water aanslepen ,
die zij vervolgens boven het vuur hingen .
Onderwijl spraken zij opgewonden in een voor Ysiwit bijna onbegrijpelijke taal ,maar zij begreep , dat zij haar baden wilden .
Toen gaf zij met alle graagte en genot toe , en liet de vrouwen hun gang gaan .
Vanachter een doek haalden zij een grote roodkoperen kuip te voorschijn , en uit kisten die
in de tent stonden , haalden zij geborduurde zakjes die poeders bevatten .
Zij wierpen poeders in het vuur en in de kuip , en al snel hing een zoete , aangename geur in de tent .
Het verwarmde water werd in de kuip gegoten en aangevuld met koud tot het aangenaam aanvoelde ,
Toen leidden zij haar naar de kuip .
Ysiwits lichaam was door strijd en gevangenschap ,uitgeput en getekend , vuil en door vele wonden beschadigd ,
Maar nog bleek uit haar ranke naaktheid , haar ongekende schoonheid , en uit haar houding ,
haar ongebroken trots .
Terwijl de oude vrouwen heur haar wasten en kamden , haar wonden verzorgden en haar vermoeide lichaam schoonden , raakte zij langzaam in een aangename bedwelming .

De volgende ochtend werd zij door een der oude vrouwen , Chesne genaamd , gewekt ,
in een gebruikte , maar kunstig bewerkte tuniek geholpen ,
en aangespoord hulp te verlenen in het afbreken van het kampement .
Alles moest op karren worden geladen , wat zwaar werk was , maar Ysiwit begreep wat er van haar
verwacht werd en maakte die dag indruk door haar kracht en doorzettingsvermogen .
Toen de Grote Witte onderging , en de drie aan de hemel verschenen , vertrok het gezelschap van
De grijze oude krijger naar het westen diep Awani in .
Hij reed op de kop , Ysiwit zat samen met de oude Chesne op de eerste kar vlak naast hem .
Zijn mannen reden achter de laatste wagen .
In de taal die Ysiwit amper verstond , scheen Chesne hem gedurende de volgende reis voortdurend
te bestoken met beschimpende opmerkingen ,waarbij zij zelf hartelijk moest lachen
en zichzelf vaak op de knieën sloeg .
De oude grijze krijger beantwoordde haar sneren , meest slechts met een zwijgende , minzame
glimlach , en als hij toch iets zij , lachte Chesne alleen maar harder ,waarna hij dan ook moest lachen .
De vreugde in hun spel amuseerde Ysiwit ,
Voor het eerst in tijden kon ook Ysiwit weer het genot voelen
in de ongebreidelde lach ,
en zij sloot , beiden in haar hart , en vrede met haar lot


Een aantal dagen duurde de reis , waarbij zij de verre besneeuwde toppen van Tyra niet uit het oog
verloren .
Toen , op een late ochtend ,arriveerden zij bij een kleine ommuurde nederzetting .
Over de neer gelaten valbrug , die door een houten poortgebouw versterkt was ,
trok men de nederzetting binnen .
Het gezelschap werd warm onthaald met spijzen en drank en vreugdegezang.
Velen waren uitgelopen , Awaanse banieren zwaaiend om de overwinning te vieren
en de teruggekeerde strijders hulde te betonen .
Maar Ysiwit kon haar afkomst niet verloochenen en zij barstte tijdens de festiviteiten in tranen uit.
In een visioen zag zij de gebroken geraamten van haar strijdmakkers verbleken in de hitte van
De Grote Witte .
Waren haar offers dan zinloos geweest ?
Kon de grote Slaneesh zich dan niet met de anderen meten .
Aldus maakte verdriet plaats voor bittere woede .
Zij begon in het gedruis woest om zich heen te slaan , rukte zich in razernij de kleren aan flarden ,
en sprak wraakzuchtig alle vuige bezweringen en spreuken die zij kende uit naar willekeurige feestvierders .
Al snel echter werd zij door enkele stevige Awani krijgers overmand .
Toen dezen aanstalten maakten om haar ter plekke te doden , verscheen de oude Chesne .
Eerst sprak zij spreuken en bezwoer aldus Ysiwit , die uitgeput en uitgeraasd hier geen
verweer meer op had , daarna sprak zij gezaghebbende woorden tot de krijgers , die haar
bevelen zonder enkele tegenspraak opvolgden .
Vanaf een afstand , had de oude grijze krijger onbewogen alles gevolgd .

Maar de grote Slaneesh moet gezien en beschikt hebben ,
ware niet al het voorgaande zijn wil ,die zich geopenbaard had ,dan was toch hier en nu het moment
waarop zulks geschiedde .
De Grote Slaneesh liet zich gelden , en beantwoordde Ysiwits twijfel gul met Godsdaad .

Ysiwit werd onder luid gehoon afgevoerd naar een door een palissade omringde , op een lage
grasheuvel gelegen bakstenen toren , in het midden van de nederzetting .
Toen werd zij naar de hoogste kamer in de toren gebracht en aldaar opgesloten .

De dag liep ten einde ,de Witte zonk achter de bergen van Tyra .
Ysiwit zat in het enige venster van het vertrek , en zij zag beneden haar het feestende volk .
In de kamer stonden slechts een enkel bed ,enige zetels en wat zware kisten .
Er vijftal toortsen verlichtten het vertrek .
Toen werd de deur ontgrendeld en Chesne trad in gezelschap van een Awani het vertrek binnen .
Hij was een jongeman , jonger dan zij was , tenger van postuur , maar zijn voorkomen verried afkomst .
Nu sprak de Awani in haar taal , maar zijn stem klonk onbeholpen , onzeker en vol ontzag .
“ Geloofde vrouwe , mijn naam is Krall I , ik ben een krijger ,aanroep Khorne en ben smid .
Ik ben de zoon van Klyaan die de wapenmeester is van Heer Koren in wiens dienst gij verkeert .”
Chesne lachte onderwijl breeduit naar Ysiwit en spoorde de jongeman zichtbaar aan
tot het begaan van onbetamelijkheden , daarbij betastte de oude vrouw Ysiwits lichaam .
Maar de jongeman draalde en wist zich geen raad .
Toen sloeg Ysiwit , Chesne van haar af , en verzocht haar nadrukkelijk te vertrekken .
Deze volgde haar verzoek gewillig en een met brede glimlach rond de mond op .
Achter haar gooide ze de deur in het slot .

Hoewel de jongeman zich tot dan geen raad wist , was Ysiwit zich bewust van wat volgen moest .
Zij had Chesne’s toespelingen wel begrepen .
De Jonge volgzame Awani liet zich gedwee in de hoek zetten terwijl zij zich vertwijfeld voor de duur van aanstaande daad aan de Grote Slaneesh wijdde .
Toen heeft zij hem overrompeld en genomen .
Maar de Grote Slaneesh eiste het offer,
En ontzegde haar het vleselijk genot .

Daarna is Krall I beduusd heen gegaan , hij heeft op de deur gebonsd , die Chesne voor hem opende,
immer onwetend van de waarde van haar daad .


Even nadat hij was vertrokken , werd de deur opnieuw ontgrendeld .
Vanuit haar zit in het raam zag zij de rijzige gestalte van de oude grijze krijger het vertrek
binnenwankelen , hij was zichtbaar dronken .
Hij legde zijn zwaard af en liet zich op het bed vallen .
Toen sprak hij tot Ysiwit in haar taal , maar in zijn dronkenschap kon hij zijn onderdrukte
bitterheid niet verbergen .
“ Een mooie frisse Lyganni , eindelijk een gelukkig lot voor de geplaagde Koren ! Tcheensh is U
welgezind .
Zo werd ik op de Kell gefeliciteerd met uw toewijzing vrouwe !
Een gelukkig lot voor de geplaagde Koren .”
De oude krijger zweeg en staarde naar het plafond .
Ysiwit stond op , ging naast hem op het bed zitten en legde haar hand op de zijne.
De oude krijger keek haar met zijn vertroebelde ogen aan en sprak bedroefd.
“ Ze weten niet waar ze het over hebben , en ook gij hebt geen weet .
zonder enige afbreuk te doen aan Uw schoonheid en inborst , vrouwe deze staan buiten kijf ,
maar gij bent veeleer het zout in mijn wonden”
Ysiwit had deze Grijze krijger in haar hart gesloten , en zij wist dat de geest van de drank een
lange hand had en de sterkste man van zijn masker kon te beroven .Toch voelde zij zich eerst tekortgedaan ,
was haar lot dan te benijden ?
Maar toen besefte zij ,
wat kan een leven brengen ,
Ik ben jong
Hij is oud
Een jaar is nooit zolang
Als dat wat er in gebeurt
Wat kan dan een leven brengen ?

Zij ging naast hem liggen , legde haar hand op zijn borst en sprak zacht :
“Heer Koren , vertel mij van uw beproevingen .”
Toen vertelde de oude krijger zijn geschiedenis .
Van zijn onbekommerde jeugd in de oude tijd . Van het komen en gaan van de Grote Chaosgoden .
Van zijn vader, bouwer van deze ooit trotse stad . Van de Orc Tyra die jaarlijks in de oogsttijd uit de bergen kwamen om te roven en dood onder de mensen zaaiden.
Van de vele oorlogen waarin hij had gevochten , van de velen die hij daarin neer had geslaan .
Van zijn vrouw , Chesne die hij innig lief had , en van andere vrouwen , die hij tot bijzit had genomen .
Van de enige zoon die Chesne hem op reeds gevorderde leeftijd geschonken had , de enige van zijn bloed die ooit geboren was .
Van hoe die zijn oor te luister had gelegd ,bij kwaadwillenden in zin en heiligheid .
Hoe hij deze tot de orde had trachten te roepen , maar daarin schromelijk tekort was geschoten .
Van de schanddaden die deze daarna beging in naam van hem die de kwaadwillenden vereeren .
Van de dag dat de oeroude bloedlijn gebroken moest worden ,
van de dag dat de vader de zoon eigenhandig had moeten terechtstellen !

Ysiwits adem stokte in haar keel ,
Dit was werkelijk een treurig verhaal . Wat kan een leven brengen ?
Maar de Grote Slaneesh had reeds beschikt , waar Tcheensh dezelfde zaken van belang achtte.
Ken Uw Goden Lyganni !
Verzaakt hen niet !
Weet welke van hen Gij dient te aanbidden !
Ik zeg het hier niet nog een keer !
Ysiwit zag haar plaats in godsdaad ,
en aanvaardde die .
Trots als zij was
onderging zij hun wil .
Zij wist het .
Zo moet het zijn !

Die nacht heeft zij ,
gebruik makend van al haar goddelijke giften
op de rand van zijn beschonkenheid en zijn slaap ,
omgang met hem gehad .
De grote Slaneesh eiste het offer
en ontzegde haar het vleselijk genot .

Toen Ysiwit de volgende ochtend wakker werd ,
Vond zij naast haar het naakte , levenloze lichaam van de Oude krijger .
Zijn laatste beproeving had hij niet doorstaan .
Het gelukkige lot of het zout in de wonden ?
Voorwaar , zo beschikken uw Goden .

Zij raakte niet in paniek .nog werd zij getroffen door droefheid .
Zij dekte zijn naaktheid toe , trok haar verscheurde tuniek aan en liep naar het venster.
Het dorp leek nog in diepe slaap , hoewel de Kleine Rode al halverwege de kim stond.
Toen liep zij naar de deur en probeerde die te openen .
Tot haar verassing was deze niet vergrendeld.
Zij daalde een trap af , en kwam in het beneden liggende vertrek terecht .
Hier lagen enkele halfontklede meiden intens verstrengeld met Awani krijgers in diepe roes te slapen .
Overal lagen ontkurkte aarden wijnkruiken . er had waarlijk een feest plaatsgevonden.
Ysiwit herkende een zoete geur en volgde die , de trap omlaag die dit vertrek naar het onderliggende leidde .
Daar trof zij Chesne en nog enkele van de oude vrouwen die zij eerder op de Kellveste had
ontmoet aan .

Toen zij haar zagen , waren zij verheugd en opgewonden .
Zij bleken reeds een bad voor haar verwarmd te hebben .
Chesne trok haar het tuniek uit ,en sprak woorden die Ysiwit niet verstond .
Ondertussen probeerde Ysiwit haar duidelijk te maken dat haar man boven dood in bed lag .
Even knikte Chesne , alsof zij het begreep maar vooralsnog ondernam zij niets dat dit bevestigde .
Zij leidde als zij eerder gedaan had, haar naar de kuip , kamde heur haar en waste haar lichaam .
Daarbij sprak zij vele woorden die geruststellend maar vooral verontschuldigend bedoeld leken ,
Ysiwit kon ze niet verstaan , maar zij begreep hun strekking .
Toen kwam een halfwakkere krijger de trap af strompelen .
Even verloor hij zichzelf in de aanblik van Ysiwits naaktheid .
Toen wendde hij zich tot Chesne .
Stotterend bracht hij uit :
“ Heer Koren is dood , wie zal ons nu leiden ? “

Chesne leek even aangedaan maar stond de vertwijfelde Awani rustig te woord ,
wees daarbij naar zichzelf en naar Ysiwit ,waarna hij amper overtuigd of gerustgesteld knikte
en de trap weer oprende.
Onbewogen begaf Chesne zich naar de haard waarboven een ketel water hing ,
Zij nam de ketel en voegde warm water aan Ysiwits bad toe .
Even later kwam een tiental nog halfontklede meiden ,luid gillend de trap af donderen .
De Awani volgde, joeg ze het vertrek uit , en vergrendelde de deur van de
Toren achter hen . Onderwijl kon hij zijn ogen amper van de badende Ysiwit afhouden en hij
draalde opzichtig alsof de sleutel niet paste .
Chesne sprak vermanend tot hem waarna hij zich sloom terug naar boven begaf .
Nadat zij Ysiwit had gebaad en gedroogd trok zij haar een nieuwe tuniek aan ,daarna
spoorde zij haar aan samen met de andere vrouwen , het ontbijt te verzorgen .
Toen nam Chesne het mes uit haar gordel en ging zelf naar boven .

Later die dag brachten de Awani Korens lichaam naar beneden en zij namen het
met zich mee de toren uit .
Chesne kwam pas laat in de avond naar beneden .
Zij was bedroefd en wilde niet spreken .

Enkele dagen later werd de grijze krijger aan zijn God geschonken ,
Nog voor zijn laatst gevangen bloed geronnen was , zoals het de gestorven Awani vergaat .
Met alle plichtplegingen en luister een leider van zijn statuur waardig ,
in rite, zijn schaduw aan Khornes zijde toevertrouwd.
Allen weenden toen Chesne naar oud Awani gebruik zijn laatst gespilde bloed in een kleine
kruik gevangen , in het vuur wierp .
Vreemde gebruiken hebben de Awani , vooral als het om bloed gaat .
Gij Lyganni , kent onze bloedgebruiken ,
Uw zaak is wat de Grote Slaneesh of ook de Grote Tcheens er mee wil .
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:15 am

Ysiwit liet geen traan .
De rite ontging haar .
Zij voelde slechts de beschuldigende ogen van de menigte aldoor steken .
De afgunst van een duizend vrouwen
het wantrouwen van evenzoveel mannen .
Zij allen hadden hun oordeel reeds geveld .
Maar Ysiwit rechtte haar rug en negeerde trots de blikken .
Hoewel de plechtigheid onverstoord verliep , hing er een voor iedereen voelbare spanning
in de lucht en het was dan ook niet vreemd dat meteen na afloop ervan een handgemeen
dreigde uit te breken . De aanwezigheid van Ysiwit en het gerucht dat zij verantwoordelijk
was voor Korens dood deden de gemoederen hoog oplaaien . Chesne had de grootste
moeite om de verhitte Awani in toom te houden . In het tumult wat ontstond werd het
het hoorngeschal vanaf de poorttoren pas laat gehoord .

Uiteindelijk toch gealarmeerd door dit sein begaven de krijgers zich gezwind naar de poort
en op de weergangen van de palissade .
Alle anderen renden naar de veiligheid van hun huizen .
Zo viel het oproer onverwacht uiteen .
De Oude Chesne nam Ysiwit bij de hand en bracht haar kalm terug naar de toren .
Daar liet zij haar achter en vertrok toen zelf naar de poort .

Temidden van Korens rouwende bijzitten voelde Ysiwit zich verloren , en daarom
begaf zij zich naar het hoogste vertrek in de toren .Vanuit het venster daar kon zij
zien wat er zich buiten afspeelde .
De late nazomer was warm en het het land beefde onder de verzengende stralen
van de Witte middagzon .

In de verte ,op de weg die naar de nederzetting leidde , ontwaarde zij vaag maar
onmiskenbaar de contouren van een troep mensen die een aantal karren voorttrok .
Ze schenen te worden vergezeld door een kleine groep ruiters , waarvan er
zich nu enigen los maakten , en over de stoffige weg richting de poort draafden .
Beneden in de nederzetting zag zij Chesne in druk overleg met enkele Awanikrijgers .
Ysiwit kon slechts gissen naar wat daar besproken werd , maar het kwam haar voor
dat zij het hevig met elkaar oneens waren en dat de Awani zich niet bij Chesnes wil
wilden neerleggen .Toen hief een krijger in onmacht zijn hand zo bedreigend dat
Chesne geschrokken terugweek waarbij zij naar ten val kwam .
Ysiwit schreeuwde hem een vloek toe , stormde woest het vertrek uit langs de trappen
naar beneden , voorbij de verbaasde bijzitten naar de deur van de toren ,
en smeet deze in haar woede zo hard open dat de klink afbrak .
Buiten aangekomen stoof Ysiwit in blinde toorn recht op de Awani af .
Ondertussen hadden de andere krijgers hem tot bedaren gebracht en
was Chesne overeind geholpen . Deze trachtte tevergeefs Ysiwit tegen te houden ,
het ging haar te snel en haar krachten waren niet voldoende .
Ysiwit kromde haar vingers , spande haar handen als klauwen , besprong de Awani
als een lynx en haalde meedogenloos twee keer , haar lange scherpe nagels door zijn
gezicht .
Terwijl hij het uitschreeuwde van pijn zag Ysiwit zijn gelaat verkrampen tot
een bloedige grimas .
Zij slaakte een kreet van opperste verrukking .
Maar een vreemde sensatie welde plots op in haar buik , alsof haar maag zich omkeerde.
Zij voelde zich snel onwel worden en neigde tot overgeven .
Toen werd het zwart voor haar ogen en verloor zij het bewustzijn .

Godsdaad zeg ik U ,
De Grote Slaneesh eist het offer ,
scheidt verrukking van lijden ,
de pijn van genot ,
de schoonheid van het weerzinwekkende .
Godsdaad zeg ik U ,
wie voorziet zijn wil ?
wat is dan het offer ?
wat kan een leven brengen !


Einde van het Eerste Deel van de legende van Ysiwit ,
na gedegen onderzoek opgetekend te Bashoa’m Tall in
Lygann Kraw door Efiswit , priesteres van de Lyganni

*Einde deel 1*
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:15 am

*Deel 2*

Toen Ysiwit als uit een boze droom ontwaakte , drong het , verdwaasd als zij was ,
pas langzaam tot haar door , dat zij op het bed in het bovenste vertrek van de toren lag .
Zij wist niet hoelang zij daar gelegen had .
Naast haar zat de oude Chesne in een hoge zetel te slapen .
Het vroege najaarslicht van de opkomende Kleine Rode viel door het venster op de muren .
Ver van buiten de toren klonk een hoornsignaal .
Ysiwit wilde zich oprichten maar voelde daarbij meteen een stekende pijn in haar hoofd .
Desondanks ging zij op de rand van het bed zitten , toen zag zij dat de witte peluws
waarop zij gelegen had ,donkerrood waren gekleurd door haar bloed .
Zij voelde even aan haar hoofd en bemerkte dat ze verbonden was .
Het linnen was hard geworden van het geronnen bloed .
Ze stond voorzichtig op en wilde naar de deur toe lopen ,
maar duizeligheid overviel haar terstond ,
en ze plofte terug op het bed . Daarmee wekte zij ongewild Chesne .

Deze wreef eerst de slaap uit haar ogen en zag toen Ysiwit op het bed zitten .
Zo snel als haar oude lichaam het toeliet kwam zij uit de zetel , pakte Ysiwit bij de
schouders , en dwong haar weer te gaan liggen .
Chesne sprak zacht woorden die ondeugend klonken maar Ysiwit verstond enkel de naam
van haar overleden man ; Koren . Zij haalde daarbij haar vingers langs
Ysiwits nagels en kirde geniepig . Toen boog zij zich over haar heen ,
legde een door de jaren gerimpelde hand op Ysiwits buik
en bekeek met verzorgende blik het verband rond haar hoofd .
Even zagen zij elkaar , op slechts een vingerlengte van elkaar verwijderd in de ogen .

Ysiwit zag Chesne .
Chesne zag Ysiwit .
Het geheim van het oog .
Niets kan het verbergen .
Toch kan geen het ontwaren .
Het verraadt alles .
Want geen weet het te verhullen .
Het wezen van een wezen ,
is gezien in de ogen .
voor diegene die goed kijkt ,
worden veel zaken duidelijk .
Er is nog geen geschrift geschreven
nog zal men er een schrijven ,
dat meer wezen bevat ,
dan zelfs een vluchtige open blik ,
in elkaars ogen .
Denkt nooit ,
ik ben verborgen .
Geen kan mij nu zien .
Uw ogen zullen dat zeggen ,
waar uw tong niet van spreken wil !

Eerst bevroor het moment ,
Toen drupte een traan op Ysiwits wang .
Beiden barstten uit in huilen .
Chesne groef haar handen onder Ysiwits schouders ,
Ysiwit sloeg haar armen om Chesnes nek en trok haar tegen zich aan .
Zij huilden het uit , de jonge en de oude vrouw , tot zij weer tot zichzelf kwamen .
Daarna verzorgde Chesne , Ysiwits wond en verbond haar hoofd nauwkeurig
met nieuw zuiver linnen verband .

Opnieuw klonk van buiten de toren een verdwaald hoornsignaal .
Toen het zich herhaalde , versnelde Chesne haar handelingen merkbaar ,en begon
op verontschuldigende toon tot Ysiwit te spreken .
het werd Ysiwit duidelijk dat Chesne nu moest gaan .
Ze liep vertwijfeld naar de deur , liet deze in haar haast open staan en verdween in het trapgat .

Met alle moeite , kwam Ysiwit overeind en begaf zichzelf
ondersteunend langs de muren van het vertrek , in onzekere tred naar het venster .
Daar aangekomen zakte ze op de bank en probeerde zich zo goed en zo kwaad als
het ging , een beeld te vormen van wat er buiten gaande was .
Pijn gonsde als een rondslingerende hamer door haar hoofd , maar zij was ermee bekend ,
en nam het lijden zoals het kwam .

De Grote Slaneesh schat pijn en verdriet
meest als groots offer ,
neemt deze dan zoals die komen ,
Weet gij zijt gesterkt ,
De Grote Slaneesh zal Uw lijden zien .
Wanneer gij het hem aanbiedt ,
Zal hij vergoeden ,
zo het hem schikt .

Door een waas zag zij de poorten van de nederzetting opengaan , en een aanzienlijk
gezelschap bereden Awani krijgers het stoffige plein achter het poortgebouw
met hun indrukwekkende aanwezigheid vullen .De rijk bewerkte harnassen van de
Awani schitterden als sterren in een maanloze nacht .
Beneden zag zij Chesne lopen , zij begaf zich temidden van de ruiters .
Een Awani kwam uit de rijen , steeg van zijn rijdier af , liep snel op Chesne toe
en viel haar in de armen
Ysiwit vond dat het goed was .

Zij stond op en begon in de kisten die in het vertrek stonden , te zoeken naar een passend
kledij , maar zij vond slechts twee linnen hemden van een te kleine maat ,
en enkel tunieken die aan wijlen Koren toebehoord hadden .
In een van de kisten trof zij echter een kort ringenhemd en bijbehorende eveneens van
ringen vervaardigde beenstukken aan .
Hoewel de uitrusting zichtbaar oud en op enkele plaatsen kapot was , herkende zij er de geduldige
en zeer bedreven hand van een ambachtelijke werkende Awani smid in .
De ringen waren fijn en dicht gezet maar het geheel voelde opvallend licht en beweeglijk aan .

De grootsheid van de smeedkunst van de Awani mag bekend worden geacht ,
van alle volken van Atherin ,
Beheersen zij die het meest .
Van alle ambachtelijkheden , kunsten en nijverheden ,
worden hun werken alom geroemd .
Het moet gezegd zijn ,
Hun meesterwerken zijn ongeëvenaard .

Ysiwit trok het nachtgewaad dat men haar aangetrokken had uit ,
en schonk even haar geschonden schoonheid aan de zonneschijn .
Voorzichtig werkte zij zich in een van de linnen hemden hoewel deze haar iets te nauw sloot .
Daarna hees zij zich behoedzaam het ringenhemd over het hoofd .
Het paste haar vrij goed , maar toen ze de beenstukken aangespte bleek dat deze amper
tot halverwege haar dijen reikten en het taaie leer van de riempjes
maar net lang genoeg was om ze aan te gorden .
Toen koos Ysiwit uit Korens gewaden een sobere , korte , zwarte tuniek en een lichte
gordel om te dragen .Het tuniek viel haar net over de schoot .
Het enige wat nog ontbrak was schoeisel .
Haar laarzen waren nergens te bekennen .

Zij keek naar de open deur . Er kwam geen geluid uit het trapgat .
Ze bedacht zich dat ze haar laarzen beneden vast wel zou vinden , maar eerst zo
besloot zij , zou ze zich van het verband om haar hoofd ontdoen , om haar wond te
voelen , en heur haar te wassen .
Al snel bemerkte ze een behoorlijke snee op haar achterhoofd , het gestolde bloed ,
klitte daar haar donkere lokken .
Naast het bed stond een kruik met water .
Ysiwit waste heur haar zorgvuldig , en verbeet de pijn van het koude water op de wond .
Het onbrak haar aan een kam , daarom bond zij haar verwarde
zwarte haar met een lint in een staart .
Daarna liep ze de trap omlaag .

In het middelste vertrek was niemand aanwezig De deur naar beneden bleek ook
open te staan . Ysiwit zocht even naar haar laarzen maar vond die niet ,
toen liep zij de deur uit . In de onderste kamer trof zij de volledige bijzit van wijlen Koren aan .
De oude vrouwen waren gezeten rond de zware tafel en hielden zich bezig met
het oppoetsen van een aantal Ysiwit vreemd maar machtig voorkomende zwaarden .

Nu dien ik U dit te zeggen :
Dit waren wapens vervaardigd van de doornen van de befaamde Mytrillstruik ,
een plant die ver in het Westen van Awani nog vrijelijk groeit , pas vele jaren na het
ontkiemen , vaak zoveel als de spanne van een mensenleven omvat ,
bloem zet en daarna grootse doornen vormt , die in volle lengte en wasdom , harder en
scherper zijn dan het meest beduchte staal dat de beste smid ooit kan smeden .
De Awani oogsten ze op ongekende wijze en maken er weergaloze wapens van ,
een Mytrillzwaard bezitten , is zo rijk als de ekstervogel zijn !
Vaak maakt het een verschil in het gevecht !
De gelukkige eigenaar weet dat het nooit breekt ,
pas laat aan scherpte inboet ,
en loopt meestal als overwinnaar weg !

Ysiwit zocht opnieuw naar haar laarzen , maar vond deze wederom niet .
Vertwijfeld trachtte ze de vrouwen duidelijk te maken dat ze om schoeisel verlegen zat ,
maar de dames keken haar slechts verbaasd aan en wisten zich geen raad .
Ongeduldig wees zij op haar naakte voeten .
Een der vrouwen bleek daarop te begrijpen wat ze bedoelde ,
Zij maakte een gebaar alsof zij een tak brak , stond vervolgens op , trok haar schoenen uit ,
en gaf haar bruin lederen muilen , voorzien van veters en met meerdere
lagen leer versterkte zolen aan Ysiwit .
Eerst wilde deze ze niet aannemen , een paar muilen laten zich slecht ruilen
tegen een paar laarzen , hoe oud en versleten ook , maar de oude bijzit drong vastbesloten aan
zodat Ysiwit niet kon weigeren de schoenen aan te strikken
Aldus gekleed liep zij de toren uit , voorbij de intussen met vee en rijdieren gevulde palissade ,
het dorp in , richting de vlakte achter de poort .
De nederzetting leek Ysiwit uitzonderlijk druk bevolkt , het viel haar vooral op dat overal
karren en tenten stonden .
Zij herinnerde zich even vaag de beelden van een groep Awani die
moeizaam zwaarbeladen karren over een stoffige weg voortsleepte .

Hoewel haar aanwezigheid hier en daar voelbaar tot spanningen leidde ,
negeerden de meeste Awani haar . Enkelen echter , schreeuwden haar
vanaf afstand woorden toe die onmiskenbaar verwijtend , ronduit beledigend bedoeld waren ,
terwijl anderen haar vreemd genoeg uitdagend na floten.
Ysiwit rechtte haar rug en stapte er trots voorbij.
Wederom klonk er een hoornsignaal vanaf de toren .

Iemand zegt :
“Trots moet de Slaneesh aanbidder onbekend blijven ,
het past deze niet .”
Het gezelschap hoort ,
en neemt voor waar aan !
De onwetende spreekt !
Hij zegt zelfs :
“De aanbidders van Slaneesh streven enkel Uw dood na ,
en schuwen daarbij niets ,
zij vangen U als weerloze vissen in hun netten ,
Uw dagen zijn geteld ,als gij er een ter harte neemt !
Of een van hen Uw ter harte neemt !”
Waarom gelooft gij dit ?
Slechts daar iemand het zegt ?
Ysiwit was schoon en trots voorwaar ,
wie is de vis ,en wie de visser ?
Een gelukkig lot of het zout in de wond ?
De Grote Slaneesh toegewijd ,
Was zij er voor hem ,
Hij was er voor haar ,
Godsoffer geboden , Godsdaad geschonken ,
slechts haar sterfelijke trots bracht dit teweeg !
Zij was gezien !
Denkt nooit ,
zo zit het ,
en niet anders .
Ik ben voorzeker alwetend !
Wanneer gij in het woud wordt verrast en zegt :
Er is geen beer hier ,
het is slechts een korrel zand in mijn oog ,
zijn ontkenning en onwetendheid erger dan de meest verlammende angst !
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:16 am

Op de binnenplaats aangekomen , zag Ysiwit ,de oude Chesne daar in druk gesprek
met een enkele Awanikrijger . De rest was ondertussen ook afgestegen en verzorgde
hun rijdieren , dan wel hun rusting .
De poort werd geopend , en een grote groep karren bevolkt met ouden van dagen ,
vrouwen en kinderen , gewonden en zieken , gevolgd door een aanzienlijke kudde dieren ,
en door een sterke afdeling , zwaar bewapend voetvolk begeleid , kwam de nederzetting binnen rollen .
Het plein raakte overvol en in wanorde , maar enkele Awani slaagden er in de laatst gearriveerde
groep dieper de nederzetting in te leiden en stonden alleen het
voetvolk toe op het plein achter te blijven .

Ook Ysiwit werd niet weggestuurd .
Zij liep over de stoffige vlakte op Chesne af ,
Hoe dichter zij naderde hoe meer het haar leek alsof zij de krijger waarmee deze in
gesprek was herkende .
Toen het stof haar niet langer het zicht ontnam , wist zij wie hij was .
Het was de Awani die op de Kellveste te sterk voor haar was geweest .
Hij die haar had ontwapend , en tot gevangene had gemaakt.
Hij die haar leven had gespaard ,
waar zij het ongewijd had kunnen verliezen !
Hun blikken kruisten elkaar vluchtig , maar lang genoeg voor hem om haar
eveneens te herkennen .

Tot dan toe had Chesne de aanwezigheid van Ysiwit niet bemerkt , maar
toen zij de aandacht van de Awani niet langer op zich gevestigd voelde , draaide
ze zich om , zag verrast Ysiwit in de ringenrusting en proestte het vervolgens
uit van het lachen . Ysiwit vatte niet waarom , dus bekeek zij zichzelf onderzoekend of zij
misschien het tuniek niet verkeerd om aan had of dat er vlekken inzaten . Dat was niet zo .
Chesne begreep dat zij het niet volgde , grinnikend wees zij
op Ysiwits halfontblote dijen en bracht haar handen daarna ter hoogte van haar
liezen , haar aldus duidelijk makend dat de beenstukken tot daar hoorden te reiken .
Ysiwit haalde de schouders op , alsof het haar niet deerde .

Ondertussen voelde zij dat de Awani grote ogen zette en ze niet meer van
haar af kon wenden . De oude Chesne zag dit ook , zij porde de krijger in de zij
en sprak op een plagend vermanende toon tot hem .
Een rode blos verscheen op zijn wangen als was hij betrapt in ondeugendheid .
Weer lachte Chesne uitbundig , maar al snel verstarde haar gelaat en met een
kalme maar vastberaden stem sprak zij tot hem .
De Awani knikte bevestigend al scheen hij dat met tegenzin te doen .
Het Oude gezicht van Chesne rimpelde zich als dat van een twijfelende rechter ,
zij staarde hem strak in de ogen .
Moeizaam scheen hij zich bij haar wil neer te leggen , alsof hij een eed moest zweren ,
die hij nooit gestand zou kunnen doen .
Hierna besloot Ysiwit hem te bedanken voor het sparen van haar ongewijde leven ,
maar toen zij op hem toe stapte , een lichte buiging voor hem maakte en weifelend
aanving haar dankbaarheid uit te spreken , draaide hij zich om en liep weg naar de andere
krijgers .

Ysiwits gemoed brak , haar trots onrein betast .
Woede welde in haar op , maar Chesne greep haar bij de hand en dwong haar te volgen .
Ysiwit sjokte tegensputterend achter haar aan .
De oude vrouw bracht haar terug naar de toren .
Toen zij binnen kwamen zaten de bijzitten nog steeds rond de tafel te poetsen en polijsten .
Chesne groette ze kort in het voorbijgaan , want zij sleepte de nog steeds in onbegrip
gevangen ,weerspannige Ysiwit meteen de trap op mee naar boven .
In het bovenliggende vertrek aangekomen liet zij haar tenslotte los en knielde
bij een van rijk snijwerk , en van prachtig sluitwerk voorziene kist .
Terwijl Chesne een sleutel van haar riem haalde en de kist opende , greep Ysiwit ,
verloren in haar verwonde waarde , een aarden wijnkruik uit een kast
en smeet deze in stukken tegen een muur .
Chesne schrok , maar liet haar begaan , toen vond zij wat ze zocht .

Door het venster viel plots het warme licht van de late Grote Witte in de kim , op een kort ,
meesterlijk ,van glimmend , zwart kristal ingelegde diermotieven , voorzien , Mytrilldoorn zwaard , en
sprong speels vanaf de kling het vertrek in .
Ysiwits adem stokte in haar keel .
Zij ontwaakte als uit een kwalijke roes .
Het licht sprankelde in haar ogen ,
Dit was voorwaar een wapen van ongeëvenaarde klasse .
Soms beneemt een schepping van een sterfelijke , men de adem in schoonheid .
En verwonderd men zich over de maat van meesterschap van de maker ,

Slechts de meest vooraanstaande Awani konden zich zo een schat veroorloven .
Chesne keek er even naar met schitterende ogen , hongerig naar vergeten herinneringen .
Alsof ze haar jeugd wilde hervinden , kwam ze overeind , zwaaide enkele keren met het
wapen en sloeg er toen opzettelijk mee tegen de schouw .
Enkele bakstenen werden door de slag verpulverd en de brokken vlogen door de kamer .
Het zwaard bleek ongeschonden , maar Chesne greep naar haar duidelijk bezeerde arm .
Toen liep zij naar de verbijsterde Ysiwit en gaf haar het zwaard .

Het lag voortreffelijk in evenwicht met zichzelf in Ysiwits hand .
Staal is zwaar en zinkt , maar de doorn drijft !
De gift van Chesne was groots .
Ze wees naar het ringenhemd dat Ysiwit zich toegeëigend had , en hoewel deze
haar taal niet verstond , begreep zij dat het Chesne toebehoorde , en dat zij ooit ook een
krijger was geweest .
Chesne mijmerde even meewarig ,verloren in het moment en in de tijd , maar al snel kwam
er een berustende glimlach rond haar lippen .
Zij grijnsde toen ze naar de beenstukken keek .
Toen legde ze haar hand op het zwaard , haalde voorzichtig haar vingers over het
vlijmscherpe snijvlak , schraapte ze vervolgens langs Ysiwits nagels ,
en keek haar indringend aan .
Haar ogen straalden vertrouwen uit .

Buiten snerpte een fel hoorngeschal ,
het herhaalde zich meteen ,
en nogmaals ,
vijf keer klonk het in totaal ,
Alsmaar feller .
Chesne leek te verstenen ,
Als door een plotse angst verlamd .
Zij sprak slechts Korens naam uit .

Ysiwit rende naar het venster , en zag dat de nederzetting in rep en roer was .
Krijgers bezetten de weergangen , de laatste rijdieren werden binnen de palissade geleid ,
boogschutters zochten hun plaats op de poorttoren , en de Awani die geen wapens
droegen snelden zich de huizen binnen .
Nog geen tel later stormden enkele krijgers het vertrek binnen , maar zij sloegen geen acht
op beide vrouwen en renden meteen de trap op naar boven .

Chesne zat nog als vastgevroren aan de vloer , maar pas nadat Ysiwit ze dringend
aansprak ,en haar door elkaar schudde kwam ze tot zichzelf .
“ Orc Tyra “ sprak Chesne bevend , en dat verstond Ysiwit zonder problemen .
Zij kuste de oude vrouw op het voorhoofd , en rende toen het vertrek uit naar beneden .

Als de Orc Tyra uit de bergen komen ,
hoedt U dan voor ellende en ramspoed !
Zo Gij Uw veld ploegt ,
zo Gij zaait ,
zo Gij Uw kroost liefhebt ,
Zo gij Uw echtgenoot ter zijde staat ,
Hun daden dienen de Grote Goden evenzo als de uwe .
Hun bloed offeren zij aan de dezelfde Grote Goden als gij het Uwe .
Zij zijn ieders vijand .
Maar ook hun offer wordt gehoord !
Hun aard gebiedt hun geen keuze ,
zij scheppen er een kwaad behagen in ,
Uw veld te vertrappen ,
Uw oogst te roven ,
Uw kroost te verslinden ,
Uw echtgenoot te doden ,
en U tot slavendom te slaan .
Het zal de Grote goden om het even zijn ,
ware het Uw of Uw vijand zijn bloed !
Vecht dan ,
En maak de dag de Uwe !
Of vlucht ,
en leef misschien !
Er is geen Orc Tyra op Atherin ,
Die U zal sparen ,
als gij verkiest hem gelaten af te wachten en niets doet !

Boven de schouw in het beneden vertrek zo bedacht Ysiwit zich , hing een schild .
Rond , blauw en wit met een Rode draak , voorwaar geen Awani schild nog een
van Lyganni aard . Het zal vast een trofee uit een verre streek geweest zijn .
Maar de kleur en het huis deden er voor haar niet toe .
Zij draalde niet , rende de trap omlaag en haalde voor de ogen van de verbaasde
bijzitten het schild van de schouw.
Zij was een krijger , zij had gediend in het leger van de Grote Jaswit Tra Nee , Kampioen
van Lygann Kraw, in talloze veldslagen in de voorste rangen gevochten ,
zij had voor de Kellveste gelegen , en zelfs op haar muren gestaan , zij kon het zwaard
vaardig hanteren , en de krijgskunst was haar door de meest ervaren Lyganni veteranen geleerd .

Orc Tyra zijn ieders vijand !
Ysiwit had ze nog nooit gezien ,
maar wist waar het over ging .
Iedere Narai baker vertelt de kleuter :
“Doe niks kwaad en pas goed op
anders komt de gemene Orc uit Tyra ,
met een hele grote hamer
en slaat je daarmee op je kop ! “

Maar zij was opgegroeid , diep in de wouden van Lygann Kraw ,
daar dringt zelden Orc Tyra door ,
en blijft hun dreiging bij een vermanend kinderversje .
Doch Ysiwit voelde zich de krijger die zij was ,
het vreemde zwaard in haar hand , het vreemde schild aan haar arm ,
beenstukken die halverwege haar dijen reikten , schoeisel en kleding dat haar amper
paste , het deerde haar niet .
Zij rende de toren uit . over het nog steeds drukke plein , de trap die naar de hoogste
weergang van het poortgebouw leidde op.

Een felle ,droge wind stak op ,
en woei dikke wolken stof over de muren .
Enkele Awani , die manden met stenen de trap op sjouwden ,
versperden Ysiwit in hun traagheid de weg , en zij foeterde hen uit .
Uiteindelijk kwam zij boven op het poortgebouw aan .
De kantelen waren daar bezet door een afdeling boogschutters .
Zij hielden de handen voor de ogen terwijl de wind ongekend snel aanwakkerde tot
een storm .
Bovenop de spietoren die op de westelijke voorkant als erker was uitgebouwd ,
zag Ysiwit de hoornblazer .
Hij hief de hoorn aan de lippen , en blies een door de wind verscheurd signaal .

Zij zijn in lengte hoogstens zo groot als een kleine man .
maar zij zijn veel gespierder , gedrongen en steviger gebouwd dan een sterke vent .
Hun huid is zeer donker en verwrongen en ruw , meest van een bruine of grijsgroene kleur .
Hun koppen zijn vertrokken van kwaadheid , zij zijn werkelijk gedrochten om te zien .
Zij zijn allen zeer vaardig in het gebruik van wapens , en toegerust voor het gevecht .
Meest dragen zij dikleren pantser , en maar zelden staal of ringen .
Tot de Omgang van De Twee de tijd van de oogst aanduidt verschuilen zij zich in holen
in de flanken van het massief van Tyra . Zodra de gewassen rijpen , komen zij uit de bergen .
Dan roven , plunderen en gijzelen zij zoveel zij kunnen ,
en keren meest met rijke buit beladen ,
nog voor de winter valt naar hun holen terug .
Zij zijn niet beducht om te sterven ,
en bedreven en sluw in de krijgslist .
Dit zijn de Orc Tyra !

Op dat zelfde moment ,
vielen uit de woeste storm van stof de ladders tegen de muren .
De boogschutters maakten geen kans .
Zij waren veel te laat .
het zicht werd hen belemmerd .
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:17 am

Binnen enkele tellen sprong een drietal Orc Tyra over de kantelen .
Zij sloegen menig totaal verraste schutter neer.
Ysiwit schoot naar voren en haalde fel uit naar een Orc Tyra die haar
aanval niet verwachte .
Zij raakte hem goed ,
het zwaard drong diep in hem door , en hij viel terstond geveld neer .
Ysiwit krijste !
Toen sprong zij op de tweede af , en sloeg op hem toe .
Deze trachtte de klap af te weren met zijn schild , maar het brak onder de dreun
in stukken .
Een pijnscheut drong door Ysiwits zwaardarm .
Zij besefte daar , dat het hanteren van Mitrylldoorn een verheven kunst is !

Maar de pijn zweepte haar op .
Vinnig haalde ze uit ,
en sloeg de Orc Tyra van beneden naar boven open !
Ysiwit schreeuwde het uit .
Nieuwe Orc Tyra kwamen over de kantelen ,
maar ondertussen hadden de overgebleven boogschutters zich hersteld ,
en schoten van kortbij hun pijlen af .
Allen troffen doel , de Orc vielen dood neer .
Toen wierpen zij zich op de ladders .
Nog stond een forse Orc Tyra ,
Hij zag Ysiwit staan , daagde haar uit ,
en zwaaide daarbij zijn strijdbijl vervaarlijk rond .
Enkele boogschutters legden aan ,
maar zij verbood hen te schieten ,

Ysiwit was als bezeten ,
ongewijd kon zij niet vallen !
Niet op de Kell , maar zeker niet hier !
En dan was er nog iets anders ,
iets onbestemds ,
het stroomde als een gloed vanuit haar buik ,
naar de rest van haar lichaam ,
en verbood haar te sterven ,
wat haar volharde ,
Haar trots deed opwellen ,
het beste in haar naar boven bracht .

De Orc Tyra viel aan .
Ysiwit weerde af met haar schild ,
maar de slag was hard , en kneusde haar arm .
Zij verbeet de pijn, riep de Grote Slaneesh aan , en haalde toen zelf uit .
De Orc Tyra weerde af met zijn bijl , maar de steel versplinterde onder haar slag.
Hij greep naar zijn mes , maar voordat zijn hand het vond sloeg Ysiwit nogmaals
toe , en spleet hem zowat in tweeën !
Hij viel meteen dood neer .
Enkele Awani boogschutters juichten alsof de slag al gewonnen was ,
maar hun geschreeuw ging verloren in de nu razende storm .
Ysiwit wees vastberaden naar de kantelen , en de Awani snelden er heen om
de ladders om te werpen .
Weer waren zij te laat .

Een aanzienlijk aantal Orc Tyra kwam over de weergang .
Ysiwit zette zich schrap en zocht een tegenstander uit .
Ondertussen kwam er een afdeling Awani vanaf de ringmuur het poortgebouw
versterken , maar ook deze kwam te laat .
De boogschutters verweerden zich nog zo goed en zo dapper als zij konden ,
maar de strijd was ongelijk .
De Orc Tyra sloegen hen allen neer , en reten in wilde bloeddorst hun lichamen aan flarden .
Weer kwamen er nieuwe Orc over de kantelen , maar de versterkingen die van de
ringmuur afkwamen weifelden niet en vielen meteen aan .
Er ontstond een verwoed gevecht , waarbij elke slag telde .

Ysiwit vocht als had zelfs de Grote Khorne zich haar vermetelheid aangetrokken ,
In woeste , machtige halen sloeg zij om zich heen .
Haar hoge gekrijs daarbij, drong zelfs door de storm heen .
Naast haar in de strijd verscheen een even onverschrokken Awanikrijger .
Hij had zich langs vele vijanden een weg naar haar zijde gebaand .
Maar nieuwe Orc sprongen de toren op .
Ysiwit keek de krijger aan ,
De krijger keek Ysiwit aan .
Het was de jonge zoon van Klyaan, wijlen Korens wapenmeester , Krall I .
Niet dezelfde als die draalde bij het minnespel ,
niet dezelfde als die zich in de hoek had laten zetten .
Een andere man in het gevecht .
Hij glimlachte haar zelfverzekerd toe .
alsof hij zich een vis in het water voelde ,
Ysiwit lachte breed uit ,
ongewijd in haar roes .

Toen sloegen zij beiden met meedogenloze kracht op de Orc Tyra in ,
en drongen ze terug tot op de kantelen .
Zij doden vele Orc ,
en moesten oppassen waar zij hun voeten plaatsten .
Gezamenlijk drongen zij de Orc Tyra van de toren .
Maar een verdwaalde pijl dwarrelde schier achteloos vanuit het stof richting Ysiwits hoofd .
In een hartklop van de tijd wierp de jonge Krall zich voor haar .
De trage pijl trof de dappere Awani onverhoopt beneden zijn helm in de slaap .
Hij viel meteen dood neer .

De Grote Khorne , God van de Awani ,
God van de eer van de krijger nam het offer .
De Dappere Krall bood het hem aan .
De tweede Awani schonk Ysiwit haar ongewijde leven ,
deze zelf was daarvoor zelf gevallen .
En nam een geheim met zich mee ,dat geen hem nog kan ontfutselen .

De Grote Goden beschikken ,
hun oordeel lijkt soms wreed
in de ogen van de sterfelijken .
Maar wie bent gij dan
om dat te zeggen ,
De dingen gaan zoals ze gaan ,
het is hun wil .
Ik zeg het hier niet nog een keer ,
Gij weet hoe ge ze moet dienen !

Ysiwit stond alleen .
Zij schreeuwde het uit alsof zij zelf was getroffen .
Haar hoofd en haar armen bonsden van de pijn .
In een waas tuurde zij om zich heen .
De weergangen lagen bezaaid met lijken , de strijd was op leven en dood geweest .
Maar de aanval op het poortgebouw leek afgeslagen .
De storm scheen te luwen tot een lichte bries ,
en door het optrekkende stof zag zij dat hier en daar op de ringmuur
nog verhitte gevechten plaatsvonden .

Op de binnenplaats stonden vreemd genoeg enkele afdelingen Awanikrijgers in gelid
opgesteld , zich nadrukkelijk aan de strijd ontrekkend .
Vanaf de trap die de hoogste weergang van het poortgebouw met het plein verbond
kwam een groep zwaar bewapend voetvolk omhoog stormen .
Zij bezetten de toren en begonnen al snel de doden te bergen .

Enkelen bekommerden zich om Ysiwit ,daar zij , vanwege het vele bloed waarmee haar
lichaam besmeurd was , dachten dat zij verwond was .
Maar Ysiwit sloeg ze als door een Demon bezeten van zich af ,
en knielde neer bij het lichaam van de gevallen Krall .
Zij rukte de pijl uit zijn hoofd , en ramde die vervolgens
met alle kracht die zij bezat in haar borst .
Maar de punt kwam niet door de ringen , en verwondde haar amper .
Zij kon zich de tranen niet bedwingen .
En viel verloren in verdriet op hem neer .

Toen hebben de Awani haar overmand ,
en van het poortgebouw afgehaald .
Beneden werd zij bij een warm vuur gezet , en dankbaar met drank en spijzen overladen .
Kort daarna kwam een aantal van wijlen Korens bijzitten bij haar .
Zij wasten het bloed van haar af en verzorgden haar wonden .
Chesne was er niet bij .

De grote Goden zien en beschikken .
Gij moet daar weet van hebben .
Hij die zal zeggen hoe het gaat ,
weet hij liegt het eerste woord !
Alles is anders ,
als de dag voorbij is .
Nooit zag ik de drie des nachts ,
als ik ze eerder zag .
Mijn kinderen groeien iedere dag ,
Geen weet hoe groot zij morgen zijn !

Einde van het Tweede Deel van de legende van Ysiwit ,
na gedegen onderzoek opgetekend te Bashoa’m Tall in
Lygann Kraw door Efiswit , priesteres van de Lyganni .

*Einde deel 2*
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:18 am

*Deel 3*

Het bleef de hele avond en daaropvolgende nacht onrustig .
De aanval was dan wel afgeslagen , maar de Awani gingen er blijkbaar niet
van uit dat het bij deze ene poging om de nederzetting te nemen zou blijven .
Overal op de ringmuur brandden felle toortsen en liepen wakkere wachters .
Hier en daar probeerden groepjes krijgers te slapen , terwijl andere zich paraat hielden .
Rond een vuur vlak bij de palissade , waren enkele Awani hoofdmannen gezeten .
Zij spraken luidruchtig , waarschijnlijk over wat te doen , maar leken het daarover oneens te zijn .
Ysiwit zag dat de Oude Chesne daar ook zat ,dat haar blik naar beneden gericht was
en dat zij zich opvallend stil hield .

Ysiwit stond op , en begaf zich erheen .
Pas toen zij naast haar ging zitten , merkten de overige Awani haar op .
Dezen trachtten haar echter meteen duidelijk te maken dat haar aanwezigheid niet gewenst
was , maar Chesne legde haar arm om Ysiwits schouder , en sprak bezwerende woorden .
Daarop bekoelden de Awani , en vatten eerst nog weifelend in wantrouwen , maar al
snel weer in onbekommerde passie , hun meningsverschillen op .
Tegenover haar zag Ysiwit de krijger zitten die zij eerder in woede de nagels door het
gezicht had gehaald , de wonden op zijn wangen en kin waren duidelijk zichtbaar .
Zijn ogen waren strak en nijdig , van wraakzucht vervuld op haar gericht , maar het
deerde haar niets , en ze wierp hem in minachting vluchtig haar vuilste blik toe .

Schuin tegenover haar zat een stokoude Awanikrijger , hij zweeg en hield zich buiten het gesprek .
Aan de andere kant naast haar zat de krijger die haar op de Kell het
ongewijde leven had gespaard , en later haar trots had gekrenkt door
zich van haar af te wenden toen zij hem daarvoor wilde bedanken .
Hij mengde zich veelvuldig en zeer gedreven in de beraadslaging , maar de andere Awani
wuifden hem meest weg , enkelen schenen hem daarbij zelfs te honen .

Het duurde dan ook niet lang eer hij zich terugtrok uit het overleg en teleurgesteld ineen zakte .
Nadat hij even teneergeslagen met het hoofd in de handen had gezeten , wendde hij
zich plots tot Ysiwit en sprak in vloeiend Lygani :
“ Eigenlijk heb ik mijn zuster gezworen niet met U te spreken ,
maar de eed is mij door haar in onwil afgedwongen , en wat doet het er nu nog toe .
Zij wil soms dingen die niet kunnen , Tcheensh is sterk in haar !
Zij hoeft niet bezorgd te zijn . Ik ben oprecht !
Sinds ik U voor het eerst zag op de muren van Kell , ben ik bevangen van Uw schoonheid
en moed . Ik kon U het leven niet nemen .
Ik zag geen kleuren op uw gelaat .
Ongeziene schoonheid , ongewijde dapperheid .
Ik dorst het niet . “

Even leek het alsof hij wilde opstaan en weglopen , maar hij vermande zich en sprak opnieuw :
“ Ze willen de nederzetting van mijn zuster opgeven . “
Ysiwit was verbaasd en aangedaan , maar haar gezicht kon niet verhullen dat zij amper begreep waar het over ging .
De Awani knikte naar de oude Chesne , die volkomen in zich zelf gekeerd naar de grond tuurde .
“ Ze heeft verloren , ik heb verloren .
De Orc Tyra zijn onverwacht vroeg en in grote aantallen uit de bergen gekomen dit jaar .
Zij hebben ons totaal verrast . Vele dorpen zijn al onder de voet gelopen .
Nu denken de hoofdmannen dat hun enige kans ligt in uit te breken , naar de twee dagen gaans verderop gelegen Dwanghand te vluchten om aldaar binnen de beter verdedigbare muren het beleg te ondergaan , en mijn zusters dorp en desnoods alle weerlozen en het vee aldus daarbij op te offeren . “

Vele dingen werden Ysiwit ineens duidelijk .
Wie hij was , wie Chesne was , wie zij nu was .
Haar verbazing verviel al snel in diepe walging .
In stoffige flarden zag zij de afdelingen Awani op het plein staan die zich tijdens het heetst
van de strijd , nadrukkelijk afwezig hadden gehouden .
Het kwam haar voor als waren deze zogenaamde hoofdmannen allen lafaards ,
slechts begaan met hun eigen lot , en onwillig hun dure troepen aan het gevecht bloot te stellen .
Ysiwit keek naar de verraden en verlaten Chesne en kon haar woede niet langer bedwingen . Gebruik makend van een stilte in het gesprek stond zij op ,
en schreeuwde de Awani de ergste verwensingen toe .

Chesnes broer greep het moment , en met krachtige stem vertaalde hij meteen door haar woeste gekrijs heen :
“ De hoog geachte vrouwe zegt dat Gij alle Uw eer verloren hebt ,
zij zegt dat zij nog nooit zoveel laaghartige nietsnutten bij elkaar zag ,
dat zij meer moed in haar pink heeft dan Gij in al Uw laffe harten bij elkaar ,
dat de Awani dan wel groot en machtig mogen heten ,
maar dat zij er nu maar zielig bij staan en zich bij voorbaat verslagen achten .
Dat er geen enkele Lygani op dit moment zou verzaken , en zij dus ook niet .
Zij zegt bovendien dat zij desnoods wel alleen achterblijft , als de dappere
heren verkiezen er als geslagen honden , met de staart tussen de benen vandoor te rennen .
Zij zegt dat zij langzaam went aan de aanblik van vluchtende Awani ,
en dat die zich liefst als bange hazen achter de dikste muren zouden willen verschuilen ,
zolang zij maar het rechtstreekse gevecht konden ontlopen .
Zij deelt U mede dat zij ooit op de Kell stond …in aanvallende zin !
Zij zegt dat zij maar zelden een Awani zag , die zich in de strijd geheel aan de Grote Khorne had gegeven , als zij zich aan de Grote Slaneesh , en dat men wat dit betreft schromelijk tekort schoot in vergelijking met de minderwaardig geachte Lygani . “

Er viel een ongemakkelijke stilte na Ysiwits tirade .
De verwijten kwamen hard aan .
Een lichte grinnik ontsnapte aan Chesnes neus .
Toen stond de door Ysiwit verwonde Awani op .
Met veel bravoure liep hij op haar toe .
Niets vermoedend wachtte zij af .
Hij maakte een plechtige buiging ,
kwam langzaam overeind ,
en greep haar toen ruw tussen de benen .

De vuilak slaakte een kreet als had hij een draak gedood !
In een valse overwinningsroes keek hij om zich heen , op zoek naar bevestiging voor zijn vuigheid .
Maar allen zaten verlamd en staarden hem vervuld van schaamte aan .
Ysiwit schopte hem vol in het kruis , en greep naar haar zwaard maar vond dat niet .
Schreeuwend van de pijn zeeg hij ineen .
In een flits was Chesne overeind gekomen , zij had de doorn uit Ysiwits riem getrokken ,
en sloeg nu met alle kracht die zij uit haar bejaarde lichaam kon persen ,
zonder enig mededogen de Awani het hoofd af .
Hij viel terstond dood neer .
In opperste minachting spuugde zij op zijn lijk , en omhelsde toen de beduusde Ysiwit .
Afgezien van beider snikken werd het even akelig stil .

De stokoude krijger , ouder nog dan Koren was geweest , stond uit de kring op .
Hij stapte achteloos over het lijk heen , op de twee vrouwen toe .
Voorzichtig tikte hij de geschonden Ysiwit op de schouder en sprak zacht in haar eigen taal :
“ Voor wat het nog waard is geachte Vrouwe , ik heb besloten dat we blijven en het dorp
verdedigen tot de laatste man .
Mijn zoon zal er zich persoonlijk toe wijden Uw eer niet nogmaals te laten schenden ,
het spijt me , dit had nooit mogen gebeuren . “
Terwijl hij dat zei stond Chesnes broer op .
Hij legde zijn hand op diens schouder en sprak haar geruststellend in het Awani toe .
Toen wendde hij zich tot Ysiwit , in haar taal :
“ Zo mijn vader het zegt zo zal het zijn , dit is een eed waaraan ik altijd gestand zal doen ! “

Maar ondertussen had Ysiwit , hoewel haar hart als doorboord kermde ,
ergens iets van haar trots hervonden .
Zij voelde er niets voor .
Zij was zo achtte ze , heel goed in staat om zichzelf te beschermen , en had nu geen
behoefte aan zorgzaam en beschermend manvolk om haar heen .
Bovendien was zij bekend met dit soort smerige aanvallen op haar eer en lichaam .
Sommige van de Lyganni waarmee zij voor de Kell had gelegen hadden zich , even zelfingenomen als de nu ontzielde Awani , getracht te bewijzen door zich aan haar lichaam , trots en schoonheid te vergrijpen . Zelfs lieden uit Jaswits kampioensgevolg hadden zich er schuldig aan gemaakt .
Geen van hen kon het echter navertellen , zoals ook deze onthoofde
Awani dat niet meer zou kunnen .

Maar zulks troostte Ysiwit nauwelijks ,
evenals Chesnes welgemeende omhelzing dat amper kon .
Niet iedere wond is een wond van vlees en bloed die zich met linnen laat verbinden .
Magie mag dan sterk zijn ,
het biedt hiertegen geen remedie .
De seizoenen komen en gaan .
Een jaar is nooit zolang ,
als dat wat er in gebeurt .
Nooit geneest de zweer geheel .
Geen Sjamaan kan die helen .
Geen Priester biedt soelaas .
Eer waait weg in de wind ,
als zilt zand van de duin .
Maar de harde helm ,
met diepe wortels wint het soms ,
en weert de woeste zee .
Ysiwits trots dan ?
Geschonden en verloren ,
gebroken en verwond als die was ?
Kon zij die hervinden ?
Wat kan een leven brengen ?
Wie kan het zeggen ?

Ysiwit nam Chesne het met bloed besmeurde zwaard uit haar nu krachteloze handen ,
knikte dankbaar , keek in haar ogen , en sprak in haar eigen taal tot haar broer :
“ Zeg Uw zuster dat ik van haar hou en dat ik zeer op prijs stel
wat ze allemaal voor mij doet , dat ze zich in een korte tijd een betere moeder heeft getoond dan mijn eigen moeder . “
Even wachtte Ysiwit tot haar broer het vertaald had .
Chesne snikte ontkennend .
Maar Ysiwit ging door :
“ Zeg Uw zuster dat ik Ysiwit heet , van oude Lyganni bloedlijn ben , krijger geworden ben
omdat ik vanwege ongewild opgelegde familieverplichtingen mijn land moest verlaten , dat
ik mij zeer vereerd voel haar zwaard te mogen dragen , maar zij het me niet nogmaals
moet ontfutselen als ik er gebruik van dien maken , en dat ik me nu wil wassen en dan wil slapen .“

Chesnes broer keek haar even aan ,
Ietwat terughoudend zei hij in Lyganni :
“ Vooraleer we verder gaan , mijn naam is Klyssen II , ik ben de zoon van Brangel IV
die de Heer van Amayuhn aan de Lynne is , ook zoon van Malayani wijlen mijn moeder .
Wat mijn zusters doorn betreft , het was Korens huwelijksgift aan haar , wees er dus zuinig op , het is een familiestuk .
Om eerlijk te zijn snapte ik eerst niet zo goed waarom zij het U in handen had gegeven .
Voorwaar Vrouwe , zonder afbreuk te doen aan Uw moed en inborst ,
deze staan buiten kijf , maar gij zijt ook een krijgsgevangene , niet eens een Awani .
Toch heeft mijn zuster niet lichtvaardig of vals geoordeeld ,
Gij hebt vandaag niet alleen haar dorp gered , ongewild gaf gij haar , toen U de schande werd aangedaan tevens het motief om het aanzien van ons Geslacht te herstellen .
Ik schaam me om het te zeggen , maar Uw aanrander die Kath werd genoemd ,
hoewel een rotte loot aan de stam , was ook onze broer , tweede in lijn van opvolging .
Nu ben ik dat .
Onze vader heeft een wijs maar gevaarlijk besluit genomen Vrouwe Ysiwit , dat dient ge
te beseffen . Van alle Awani Hoofdmannen die hier om U heen zitten , is er geen
U welgezind . Men dient zoals gij het zo pakkend verwoordde liefst zijn eigen belangen .
Een Awani kling is snel in de hand van de nachtelijke insluiper !
Weet ook dit , de Orc Tyra wordt door de meeste van hen als minderwaardig roversvolk beschouwd .
Uitermate ongeschikt en eerloos om tegen te vallen .
Uiteindelijk vertrekken ze toch altijd terug naar de bergen .
Hooghartigheid , ja , maar zo trots is mijn volk . “

Ysiwit keek hem met gloeiende ogen aan , haar verbittering amper onderdrukkend beet zij hem toe :
“ Dat zal allemaal wel , ik wil er niets meer over horen .
Vertaal gewoon wat ik gezegd heb , en dat ik me wil wassen en daarna wil slapen .
Mocht het gespuis onverhoopt opnieuw aanvallen , wek mij dan meteen ! “
Klyssen bedacht zich nu geen moment en deed zijn eed gestand .
Om haar heen hadden de Awani inmiddels het lijk weggesleept en of er niets voorgevallen was ,
hun geliefkoosd , schreeuwerig van mening verschillen weer opgevat .
Vast en zeker achtten zij zich nu allen grote veldheren en wisten
voorzeker een voor een het beste hoe de muren van een dorp als dit te verdedigen .

Chesne hoorde haar broers verhaal aan , een verweerde glimlach trok rond haar lippen .
Zij nam Ysiwit bij de hand , en bracht haar terug naar de toren . Klyssen wilde volgen maar werd door zijn zuster teruggewezen .
Daar aangekomen heeft zij haar eerst zorgvuldig gewassen en haar wonden verzorgd .
Toen pakte zij haar rusting op en ging haar voor naar het bed op de eerste verdieping .
Uitgeput en door de walm van de badpoeders bedwelmd viel de naakte Ysiwit er op neer .
Zij kom de slaap echter nier vatten en staarde een tijd wezenloos naar het plafond .
De Oude Chesne dekte haar toe ,
ontstak enkele kaarsen en liep vervolgens naar een kast met minstens tien boeken .
Na even vond zij de band waarna zij zocht .
Ze trok een lichte zetel naast het bed , ging er in zitten en sloeg het boek open .
Ysiwit is daarna in een diepe maar onrustige slaap gevallen .

Vroeg in de morgen , de Kleine Rode stond nog niet eens halverwege zijn laatzomerse
hoogtepunt , viel een koele ochtendbries door het raam en streelde haar wakker .
Ze had haar ogen amper open toen ze vaag de gestalte van Klyssen aan het voeteind
van het bed ontwaarde . Hij stond haar , als uit een mooie droom gewekt , aan te staren .
Geschrokken vloekte ze hem toe , toen ze bemerkte zij dat ze zich bloot had gewoeld ,
en zich ongewild in volle naaktheid toonde .
De Awani raapte rustig de van het bed gevallen lakens op , wierp ze Ysiwit toe
en sprak daarbij tot haar op vrolijke toon :
“ Ik ben er nog maar net ,
geloof me ik heb bijna niets gezien .
Ik kom voor mijn zuster ,
maar wilde die niet liever niet wekken ,
maar ja ik ben er eigenlijk nog maar net ,
echt , ik kom zogezegd precies binnenlopen . “

Snel bedekte Ysiwit zich .
Half gespannen , half geamuseerd keek zij hem aan .
“ Gij liegt dat ge barst Awani , en dat zweert dan de ene na de andere eed . “
Haar stem klonk gedempt en hees maar zeer aangenaam ,
zij had de dag daarvoor minstens zo hard geschreeuwd als ze had gevochten .
Luid snurkte Chesne bevestigend ,
Met het boek nog open op haar schoot , zat zij in de zetel te slapen .
Beide onderdrukten een opkomende lach .
Klyssen deed een hand voor zijn ogen en sprak met een ondeugende glimlach rond zijn lippen :
“ Een beetje Awanikrijger slaapt in dit soort tijden buiten in zijn rusting ,
en niet naakt op zacht dons , als een achteloos Lygani Prinsesje .
Kleedt U Prinsesje ! Vandaag zullen de Awani laten zien wie en waartoe zij in staat zijn .
Ik zal ondertussen echt niet kijken ! “
Ysiwit voelde zich uitgerust en niet bedreigd , in opvallend goed gemoed nam ze de uitdaging aan ,
en besloot hem het spel te gunnen .
Ze sloeg de lakens om zich heen en begon naar haar rusting te zoeken .
Daarbij nam zij er speels wantrouwend , voortdurend acht van of zij Klyssen
niet kon betrappen op vals spel .
Haar ringen , tuniek , en leer trof zij netjes gevouwen aan op een tafel ,
het schild en het zwaard hingen aan een rek , haar muilen stonden op de vensterbank .
Alsof de oude Chesne een verloren gewoonte blind had herhaald .
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:21 am

Het bleek Ysiwit niet eenvoudig zich haar rusting aan te trekken zonder de lakens te
laten zakken .
De Awani keek desondanks niet , maar grinnikte daar hij wist dat zij zich daartoe elke moeite getroostte .
Ysiwit was er op haar beurt zeker van dat zij dit spelletje zou winnen .
Ze had hem zo weg kunnen sturen , en er ophef over mogen maken .
Terwijl zij zich langzaam aankleedde , liet zij hem ruimschoots de gelegenheid zijn vingers te spreiden .
De Awani kon het niet laten ,
uiteindelijk hapte hij toe .
Ze deed alsof ze dat niet merkte .
Als laatste trok zij haar laarzen aan , terloops klaagde zij dat ze wel
wat langere beenstukken zou willen , haar eigen laarzen ook ,en keek daarbij naar de oude Chesne , die ondertussen ongestoord verder sliep .
Met een brede glimlach rond zijn lippen antwoordde hij dat hij er navraag over zou doen .

Toen Ysiwit uiteindelijk geheel gekleed was , liep ze op hem toe en nam zijn hand voor zijn ogen weg .
Vals grijnzend kneep Klyssen deze nadrukkelijk dicht , alsof het hem nog niet
duidelijk was dat hij mocht kijken .
Ze kon haar lach nog net bedwingen , met vrolijke hese stem sneerde zij :
“ Je bent een leugenaar en een viezerik bovendien Awani ,
valse eden zweren en naakte vrouwen begluren ,
zal ik je zuster dan maar wakker maken ?
Je kwam tenslotte toch voor haar ! “
Maar Klyssen liet zich niet kennen , op geamuseerde toon stak hij terug :
“ Is het Lyganiprinsesje dat uitslaapt op dons nu dan eindelijk gereed ,
weet zij zeker dat zij zich met voldoende reukwater heeft besprenkeld
om iedere prins te kunnen bedwelmen ?
Als haar nageltjes netjes gelakt zijn , en haar neusje en wangetjes fleurig bepoederd ,
kunnen we dan misschien naar die vervelende Orc , die druk doende zijn
torens in elkaar te timmeren , gaan kijken . “

Hier hield wat Ysiwit betrof het spelletje op .
Haar gelaat verstarde meteen , en haar schurende stem klonk dwingend :
“ Dan laten wij Uw zuster slapen .
Een van Korens vrouwen moet haar later maar wekken .
Ik ga naar de poort , daar zal het straks te doen zijn .
Ik kan U schijnbaar toch niet bij me vandaan houden ,
dus neem ik aan dat Gij daar ook heen gaat . “
Maar een ding wil ik U zeggen ,
aan mijn zijde geen onbezonnen heldendaden !
Vecht zolang er gevochten moet worden .
Mijn offer aan de Grote Goden staat beneden aan de muur .
Het Uwe ook .
Ik weiger hier ongewijd te vallen ,
en eis van U dat Gij dat ook doet . “

De Awani knikte licht als ware dat vanzelfsprekend , en verzuchtte :
“ Dat zweer ik er ook nog wel bij ! “
Toen ging hij haar voor naar beneden , en begeleidde haar naar het poortgebouw .
Nog stond de Grote Witte niet aan de hemel .
Op de muren brandden vele vuren als felle sterren in het zachte licht van de Kleine Rode .
Een koude bries waaide over de binnenplaats .

Boven op de weergangen van het poortgebouw aangekomen , zag Ysiwit in de
verte vaag twee torens staan . Iets verderop waren de Orc Tyra bezig er nog twee te bouwen .
Bij vlagen kon zij het geluid van hun zware hamerslagen horen .
Ze keek omlaag op de muren , zag dat die vol bezet waren ,
en de vele Awani boogschutters er de punten van hun pijlen teerden .
Beneden op het plein was het in tegenstelling tot de dag daarvoor , opvallend leeg . Slechts een tweetal kleine afdelingen zat er nog bij haar tenten .
Het normale leven in het dorp leek stilgevallen .
Op de weergangen zelf pruttelden ketels teer en water . Overal stonden manden gevuld met stenen .
De bezetting bleek te bestaan uit een afdeling uitgelezen veteranen .
Dit deed Ysiwit zichtbaar deugd .

Klyssen bemerkte dat , en trots sprak hij :
“ Dit is de Garde van Amayuhn , opgericht door mijn vader Brangel .
Deze mannen en vrouwen dienen al sinds hun jeugd , en hebben ontelbare gevechten meegemaakt .
U kunt zich in de strijd niet beter omringd weten dan door deze krijgers .
De Awani zullen zich vandaag van een andere kant laten zien Vrouwe , aan hen zal het nu niet liggen . “
Ysiwit geloofde hem , en zij voelde zich sterk en vastberaden .
Haar hoofdwond deerde haar niet , de pijn van de kneuzingen aan haar armen was gering ,
en zij ontzegde de soms opkomende herinneringen aan de dag daarvoor , de kans
haar hartzeer te veroorzaken .
Vlak bij haar zat een Awani boven een klein vuur vlees te roosteren .
Ysiwit kreeg plots honger , en zij schooide hem een stuk af .
Het smaakte haar voortreffelijk .
Zij zag terwijl ze at , dat de bouw van de torens ongekend snel vorderde , en wist dat de aanval niet lang
meer op zich liet wachten .

Beneden op de vlakte had zich ondertussen een aanzienlijke menigte oude van dagen verzameld .
Ysiwit was verrast te zien dat zij allen bewapend waren en dat velen zelfs ringen of staal droegen .
Daar stond voorwaar een leger uitstekend uitgeruste bejaarden .
Was vandaag dan iedere Awani een krijger , terwijl men gisteren nog boer en boerin wenste te zijn ?
Zij verwonderde zich over de rijke rustingen ,
en bedacht zich dat de Awani wel bijzonder vermogend moesten zijn .

Goud en zilver worden overal op Atherin ,
als meest waardevolle metalen gezien .
Maar in de ogen van de Awani dienen zij slechts ijdelheid .
Het glimt mooi maar daar is alles mee gezegd zo menen ze .
Zij verstaan immers de kunst metalen te mengen .
En zweren op goed staal .
Zij verkiezen de schep oer boven de klomp gedegen goud en rekenen zich rijk !

Plots kwam de oude Chesne het plein oplopen .
Zij had het boek onder haar arm .
Druk gebarend liep ze op de menigte toe .
Even scheen er naar goed Awani gebruik weer een meningsverschil te ontstaan ,
maar het zag er al snel naar uit dat Chesne haar zin kreeg .
Zij opende het boek , bladerde tot zij de juiste bladzijde had gevonden en bood het
vervolgens een voornaam uitziende vrouw aan . Deze leek nog ouder dan Chesne .

Ysiwit kon lezen nog schrijven , toch had zij wel eens een boek ingezien .
Haar Vader en Moeder hadden er ook .
Maar zij had zich slechts mogen verbazen over de kleurige tekeningen ,
het lezen van de letters was haar nooit geleerd .
Zoveel ophef vanwege een boek kon zij zich dan ook maar moeilijk voorstellen ,
Op de voorname vrouwe op het plein scheen het echter indruk te maken en zij
deelde meteen bevelen uit . Een groot aantal Awani begaf zich terstond maar traag naar de palissade en legde daar de rusting af .
Het legertje werd zowat gehalveerd .
Chesne maande ze te volgen , en leidde ze dieper de nederzetting in ,
tot zij uiteindelijk niet meer te zien waren .

De Grote Witte kwam op , en wierp lange schaduwen over het plein .
De Orc Tyra had het kampement sluw in lijn hiermee opgebouwd ,
en het felle licht ontnam de Awani voorlopig het zicht .
Op de weergangen van het poortgebouw nam de spanning onder de Gardisten toe .
Ervaren als zij waren , wisten zij dat de Orc Tyra dit moment hadden gekozen en
hun aanval weldra zou komen . Zo zouden zij het ook doen !
Een van hen seinde de hoornblazer op de spietoren .
Deze blies daarop een schel signaal .
Beneden op de muren begaven alle Awani zich daarop naar de kantelen .
De boogschutters ontstoken hun beteerde pijlen .

De list van de Orc Tyra lukte maar deels .
Hoewel zij de opmars en omvang van hun torens met het licht in de rug
een geruime tijd aan het zicht konden ontrekken , ontbrak het hen aan snelheid en ,
Godswil misschien , wie zal het zeggen ?
Een eenzame wolk schoof langzaam voor de Grote Witte .
De boogschutters kregen hen nog ver van de muren vandaan in zicht en schoten een regen van brandende pijlen op de torens af . Zo had Ysiwit de Awani ooit eerder meegemaakt !
Op de Kell had het gewerkt ,
maar nu niet , zo zag het er naar uit .
Hoewel de boogschutters veelvuldig doel troffen , vatten de bouwsels als door magie beschermd amper vlam .
Maar ze twijfelden niet en bleven desondanks hun pijlen schieten , daaraan hadden zij blijkbaar geen tekort .
Toch rolden de torens schier ongenaakbaar door .

De Orc Tyra trok in hun beschutting op , tot de muren binnen het bereik van de eigen schutters kwamen .
Ze vormden toen snel een lange linie , en begonnen de kantelen te bestoken .
Enkele tellen later leek het alsof het pijlen hagelde .
Overal om Ysiwit heen kwamen ze neer .
Een aantal gardisten werd geraakt maar de punten drongen niet door hun ringen .
Eigenlijk dan pas bemerkte zij dat de Orc Tyra stenen pijlpunten gebruikten .
Ze versplinterden als ze staal , baksteen of hard hout raakten .
Hoe ongelukkig was dan het lot van de jonge Krall geweest , besefte zij nu .
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:21 am

Hij had nooit verwacht dat hij zijn leven zou moeten offeren .
Maar De Grote Slaneesh moet gezien en beschikt hebben .
De gedachte van de smid een stap voor .
Een zucht van Zijn goddelijkheid ,
en de zaken gaan zoals zij gaan .
Hij was er voor haar ,
want zij was er voor hem .
Een gelukkig lot ,
of het zout in de wond ?
wie zal het zeggen ?
Ik weet gij zegt nu :
Het offer was te groot .
Ysiwit droeg toch ringen ,
de jonge Krall verdient te leven !
Ik vraag U :
Wie bent Gij dan wel
dat Gij Godsdaad zo betwijfeld ,
en eerder Uw eigen oordeel vertrouwt ,
als de zaken zo duidelijk liggen ?

De eenzame wolk bedekte ondertussen de hele zuidelijke hemel , dempte het
licht van de Grote Witte en kleurde bloedrood als bezwangerd van regen .
Ongewoon snel naderde hij en nam in omvang toe .
De Awani zagen hem aankomen en vloekten dat het nou juist vandaag moest gaan regenen .
Op de muren besloten de boogschutters dan ook van doel te veranderen , zij teerden en
ontvlamden de stalen punten niet langer en richtten hun pijlen op de schutterij van de Orc .
Maar de afstand was groot en geen van de partijen was trefzeker .

Toen werd het onheilspellend donker , en viel de wind stil .
Plots verlichtten talloze bliksemschichten de vlakte buiten de poort .
Een enorme stortregen , zoals Ysiwit nooit eerder had meegemaakt , viel ineens uit de hemel en doofde vrijwel terstond alle vuren die de Awani hadden branden .
Het regende een moment zo hard dat Ysiwit amper nog een hand voor ogen kon zien .
Zo ongenadig geselde het water haar hoofd , dat zij even dacht dat het haar wond open zou slaan .
Het leven scheen haar even stil te staan .
Niets dan het oorverdovende geluid van de regenval en de donder drong nog tot haar door .
Het moment scheen uren te duren .

Even zo snel als de wolk was verschenen , verdween hij weer .
Van het ene op het andere moment hield het op met regenen .
Een kille bries stak op .
Rillend van de kou keek de doorweekte Ysiwit over de kantelen .
De vlakte buiten de poort stond vol plassen zo groot als poelen .
Zij zag tot haar grote vreugde dat drie van de torens diep in de modder wegzakten , gevaarlijk uit het lood stonden en dreigden om te vallen .
De Orc probeerden ze met alle macht te redden en hadden daarbij ook de hulp van
hun schutterij gevorderd . De wanhoop nabij zagen zij hun pogingen echter een voor een falen .
Nu achtten de Awani boogschutters dat het moment was aangebroken waarop zij de slag in hun voordeel
konden beslissen .
Opnieuw floten hun pijlen door de lucht en vielen neer op de wanordelijke menigte .

Zo velen vielen daar toen , dat de Orc Tyra niet meer konden groeperen .
Al snel vluchtten de eersten en het leger viel uiteen .
Ysiwit zag het met enige verbazing aan .
Toen tikte iemand haar voorzichtig op haar schouders .
Geschrokken draaide ze zich om .

Achter haar stonden de stokoude Brangel en zijn zoon Klyssen , zij staarden haar doods aan .
Toen sprak de Vader droog :
“ Mijn dochter Chesne wenst U te spreken .
Wij moeten snel zijn , en het middenplein staat blank . Haast U en volg ons ! “
Ysiwit draalde geen moment en baande hen een weg naar de trap die naar het plein leidde .
De slag was voorbij zo bedacht zij zich , en waarschijnlijk hadden de Orc Tyra voorlopig geen zin
meer in nieuwe gevechten .
Ze moesten snel zijn , terwijl de oude Brangel zelf was traag . Deze besefte al snel dat hij de andere twee ophield en gelastte hen niet op hem te wachten .

Klyssen en Ysiwit waren rap , maar de binnenplaats bleek een grootse moddervlakte
waarin zij soms tot halverwege hun schenen wegzakten .
Bijna uitgeput zwoegden zij zich langs het totaal verregende legertje bejaarden ,
het plein over , dieper de nederzetting in .
Langzaamaan zo scheen het hen werd de grond onder hun voeten droger ,
tot zij uiteindelijk bij Korens grafheuvel aankwamen waar het zand vreemd genoeg als door de regen onaangedaan opstofte en aan hun laarzen klonterde .

Daar was het andere gedeelte van de bejaarde Awani verzameld .
Hun laatste krachten aanwendend strompelden zij ernaar toe .
Temidden van de verwarde en treurende ouderen vonden zij Chesne .
Zij lag op de grafheuvel en bewoog niet .
De voorname Vrouwe die haar geloofd had toen zij haar het vreemde boek had
laten inzien , zat over haar heen gebogen , en prevelde wanhopig bezweringen en spreuken .

Ysiwit en Klyssen knielden amechtig aan Chesnes zijde neer .
Het leek eerst als lag deze slechts te slapen , haar ogen waren gesloten ,
zij ademde rustig en een tevreden glimlach plooide rond haar verweerde lippen .
Ysiwit greep haar hand , waarop de oude Chesne vermoeid haar ogen opende .
Met doffe matheid staarde zij Ysiwit aan , en sprak zacht en gebroken tot haar .
Even viel er een stilte want Klyssen verzaakte te vertalen .
Hij antwoordde haar tenslotte in de taal der Awani .
Chesne zakte daarop weg , sloot haar ogen en grijnsde zelfvoldaan .
Met een smekende blik eiste Ysiwit de Awani om een verklaring .
Klyssen vertelde haar dat zij had gevraagd of de Grote Tcheensh de rite verhoord had en dat hij daarop had gezegd dat alles goed was gegaan .
Ineens stokte Chesnes adem enkele tellen , maar ze opende nogmaals de ogen die nu
sprankelden van levenslust . De oude vrouw keek haar bijna gelukkig aan , en sprak sereen als verzoend met haar lot tot de tot tranen geroerde Ysiwit .
Nu vertaalde Chesnes broer zijn zusters woorden terstond :
“ Mooie jonge Ysiwit , sterke vrouwe van oud Lygani geslacht , voor korte tijd
schonk gij me het voorrecht in liefdevolle waan een dochter te mogen koesteren .
Het was kort maar lang genoeg .
Ooit had ik een zoon ,
ik was haast vergeten hoe het was .
Toch heb ik dingen met U gedaan , een moeder onwaardig .
Maar dat het moest zo zijn , dat was al beslist , al twijfelde ik daaraan .
Ik smeek U : Kunt Ge me dit vergeven ? “
Ysiwit keek in haar nu schuldige ogen , en weende het uit .
Zij liet zich bezeten door onmacht en verdriet op Chesne neervallen en snikte dat alles ,
wat dan ook , haar vergeven was .
De stoere Awanikrijger zat met zijn handen voor zijn ogen en was zo aangedaan dat hij
niet langer in staat was om te vertalen .
Daar lag zijn zuster , die omwille van de Lygani die hij krijgsgevangen had gemaakt ,
hun eigen broer had moeten doodslaan , en in Rite zichzelf had geofferd om haar volk
te sparen .
De hijgende stem van zijn vader Brangel nam het over .
Hij was intussen ongemerkt aangekomen en had blijkbaar voldoende gehoord om Ysiwits
vergiffenis te verstaan .
Haar laatste krachten aanwendend krijste Chesne het voor iedereen hoorbaar uit !
Ysiwit voelde het leven uit het lichaam onder haar wegvlieden .
Brangel vertaalde alsof niets hem leek te deren :
“ Het is van Koren ! “
Op die kille , vroege , laatzomerse ochtend , stierf de Oude Chesne op het graf van haar man .

De Grote Chaosgoden moeten voor haar schaduw een vooraanstaande plaats aan hun zijde
in hebben geruimd want toen men haar lijk twee dagen later naar Awani gebruik verbrandde ,
schonken de verzamelde troepen haar een uitvaart van ongekende begaandheid en allure , een Kampioen waardig voorwaar , en het weerlichtte en donderde boven de verre bergen van Tyra .
Haar as , en haar laatst gespilde bloed nog opgevangen door de voorname bejaarde Vrouwe , werden door Brangel in Korens grafheuvel bijgezet . Toen hij die daad verricht had stortte hij uiteindelijk ineen en moest door de bijna even aangedane Klyssen van de grafheuvel gedragen worden . In twee dagen tijd was hij een zoon en een dochter kwijtgeraakt .
Wat kan dan een leven brengen ?
Het brak de harten van alle die daar die dag waren .
Wijlen Korens bijzitten vielen Ysiwit door droefenis overmeesterd voortdurend om haar nek en samen met hen huilde en rouwde zij .

Ysiwit en Klyssen waren dagenlang ontroostbaar .
Hoewel zij veelvuldig in elkaars gezelschap verkeerden spraken zij amper .
Wanneer alles hen te machtig werd , zochten zij meest troost in afzondering .
De Orc Tyra was vertrokken .
Chesne was dood .
De nederzetting stond .
Koren was dood ,
Zijn Huis stond .
Het groeide in Ysiwit .
Godsdaad !

Wie kan nu nog ontkennen !
De onwetende lacht de hele dag ,
en vloekt wanneer Zij hem de volgende ongelukkig stemmen .
Maar zelfs de meest nederige boer , weet dat hij de dag van de oogst niet moet verslapen !
Mijn Jonge zoon vraagt mij voor de duizendste keer :
Moeder , wie zijn Zij dan , De Grote Chaosgoden ?
Dan Zeg ik hem voor de duizendste keer :
Leed en liefde ,
eer en trots ,
smart en geluk ,
goed of slecht ,
leven en dood ,
maakt de mensen wie ze zijn ,
verveelt de Grote Chaosgoden .
Het is hen om het even .
Zij schikken naar hun zin in offer .
Wij allen zijn gezien !
Dan schrikt mijn zoontje voor de duizendste keer ,
en vraagt mij angstig of hij later ook Priesteres van de grote Chaosgoden kan worden .
Voor de duizendste keer moet ik bitterzoete tranen wegslikken als hij zielig , teleurgesteld afdruipt wanneer ik zeg ; Nee jongen , jij kunt later nooit Priesteres worden !



Einde van het Derde Deel van de legende van Ysiwit ,
na gedegen onderzoek opgetekend te Bashoa’m Tall in
Lygann Kraw door Efiswit , priesteres van de Lyganni .

*Einde deel 3*
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:22 am

*Deel 4*

De oude Chesne was voorzienig geweest . De voorname bejaarde dame had enkele dagen na haar dood , haar testament , dat vluchtig op een los papier geschreven was , achter in het boek gevonden . Chesne vermaakte daarin het regentschap over de nederzetting en omliggende landerijen , dat haar was toegevallen na de dood van Koren die geen familie meer had gehad , aan haar broer Klyssen II .
Ook bepaalde zij dat hij zijn gezag zou moeten overdragen aan de nieuwe telg van Korens Huis , die in Ysiwits schoot groeide , wanneer deze op de leeftijd was gekomen dat die
in staat mocht worden geacht zijn erfdeel op te kunnen nemen .
Vreemd genoeg had zij besloten de twee bovenste verdiepingen van de bakstenen toren ,
aan Ysiwit te schenken , tevens recht van doorgang door de onderste kamer , alle huisraad en alle meubels die in de bovenste vertrekken stonden .
Chesnes ringen , kleding , een deel van haar fortuin ,
en zelfs haar doorn kwamen nog daarbij .
De onderste kamer viel wijlen Korens bijzitten toe . Zij kregen er ook nog een aanzienlijke stapel vee en het resterende fortuin bij .
Zo wenste zij dat haar nalatenschap werd verdeeld .
Maar zij had nog een naschrift toegevoegd .

Hierin vermeldde ze dat zij de geachte Vrouwe Ysiwit , die van oude Lygani bloedlijn was ,
als haar dochter had erkend en aangenomen , en dat deze wanneer het lopende jaar voorbij was , naar de nieuwe wetten Awani werd , en dan volledig recht had in de naam van
Korens en Brangels Huizen met aanzien behandeld te worden .

Alle Doden waren beweend en begraven .
Reeds was de eerste schade aan de muren en het poortgebouw hersteld .
Maar nog smeulde de brandstapel die men had aangericht van de lijken
van de dode Orc Tyra .
De meeste Awani hadden na de aftocht van de Orc en Chesnes bijzetting , hun karren geladen en hun vee verzameld , dankbaar maar treurend hadden zij afscheid genomen , en waren naar huis gegaan . De Heren en hun krijgers waren al kort na Chesnes begrafenis vertrokken .
Langzaam kwam het normale dorpsleven weer op gang , hoewel onder een rouwsluier van
diepe droefenis .

Toen het testament buiten op het plein werd voorgelezen en Klyssen het geduldig voor haar vertaalde , was Ysiwit nog te verdwaasd geweest om te beseffen wat er precies verteld werd .
Zij was daarna meteen terug naar de toren gegaan , en had zich afgezonderd in het bovenste
vertrek . Daar was zij op het bed neergevallen en terstond ingeslapen .
Ze sliep lang en diep , en ontwaakte pas laat in de middag van de volgende dag .
Toch voelde zij zich nog moe en haar hoofd was zwaar .
Een licht hongergevoel kwam in haar op .
Ze strompelde de trappen af naar beneden , door het lege middelste vertrek , naar de keuken in de benedenste kamer .
Korens bijzitten zaten er zwijgend rond de tafel . Bij het licht van een groot aantal kaarsen
hielden zij zich ongewoon stil met hun handwerken bezig .
In een zetel bij de haard zat Klyssen . Hij staarde verlaten in het oplaaiende vuur .

In de schouw hing een bout te roken .
Ysiwit nam een mes , liep er heen , bukte zich over het vuur , en sneed een stuk van de ham .
Juist toen zij dacht dat Klyssen haar negeerde en zij weg wilde lopen , sprak hij haar toe .
Zijn stem klonk rustig :
“ Vreemd toch hoe de dingen kunnen gaan !
Nog niet eens zoveel maanloze nachten geleden neem ik je gevangen op de Kell .
Dan kom je bij de Oude Koren terecht , een man die slechts tegenspoed kende , hoewel hij de
Goden altijd trouw was .
Hij is de laatste van zij Huis , dat weet iedereen . De Awani Heren rekenen zich alvast rijk , die leeft niet lang meer ! Op het moment dat zij van mijn broer Kath te horen krijgen dat de oude Koren gestorven is onder het wellustige lichaam van zijn juist toegewezen Lyganimeidje, en hij uit naam van ons Huis zegt het dorp en bijbehorende landerijen te verkopen aan de meest overtuigende , lachen zij geniepig en sturen ondanks de opkomende Orc hun geregelde troepen om hun eisen kracht bij te zetten .
Met de onverwacht snel oprukkende Orc op de hielen moeten zij het zelfs nog op een
lopen zetten om op tijd de muren van dit dorp te bereiken .
De Awani kijken om zich heen en zien afdelingen uit alle windstreken hier verzameld .
Zelfs de Garde van Amayuhn en naar blijkt de Oude Brangel en zijn zoon Klyssen zijn naar deze afgelegen maar schijnbaar toch begerenswaardige nederzetting gekomen .
Zij vermoeden plots, en niet ten onrechte , onraad en verraad !
Daarom weigeren de meesten te vechten als de Orc Tyra aanvalt .”

“ Kath , mijn verdorven broer , wordt bedreigd , dingen gaan niet zoals hij dacht dat ze zouden gaan , hij verwachtte dat zijn zuster oud en weerloos was ,
en zo was het ook tot jij hier kwam . Hij is hier destijds niet voor niets komen wonen .
Nu schoffeert dat Lyganimeidje vervolgens de verzamelde Awaniheren .
Wat zij zegt raakt hen ergens en …beschaamt hen !
Dan staat de vuilak op en begaat zijn meest verachtelijke daad .
Hij bezegelde zijn eigen lot .
Mijn zuster deed wat ik eigenlijk had moeten doen , maar ze was me op de een of
andere manier voor . Bedenk wel Ysiwit dat als je zelf de klap had uitgedeeld , je er nu niet
meer geweest was ! Nog Chesne , nog mijn Vader , nog ik hadden je dan ondanks alles kunnen redden .
Maar nu kennen de Heren weer hun meester . Toen Kath deed wat hij deed , en hem
daarom in schande , de schande vergeld moest worden , werd het hen duidelijk .

De Orc Tyra valt nogmaals aan , en dan staan zij er wel . Maar mijn wijze zuster heeft reeds besloten en geeft in rite haar leven om alles te redden wat haar dierbaar is .
En wat heeft zij met deze waardige daad niet allemaal behouden ?! “

Even zweeg Klyssen , en hij leek weg te dromen in het vuur .
Ysiwit sneed nog een stuk van het rookvlees en bood het hem aan .
Een moment weifelde hij maar nam het toen .

Terwijl hij at vroeg hij haar :
“ Mag ik mijn toren tegen die van jouw aan bouwen ? “
Ysiwit begreep hem eerst niet , wat was dit nu voor een vraag ?
Toen stond Klyssen plots op , geestdrift scheen hem ineens te bevangen . Met drukke gebaren
en een opgewonden stem begon hij te ratelen :
“ Mijn toren , hij wordt een verdieping hoger dan deze , ook van baksteen , maar met weergangen op het dak en misschien een smalle spie . Tegels op de vloeren , en de vensters
op het oosten en westen . We delen de zuidmuur van jouw toren , maken er deuren in ,
en liefst zou ik het dak ook willen voorzien van kantelen …lijkt je dat wat ? ”
Ysiwit staarde hem verbaasd aan , ze zocht naar een antwoord maar vond dat niet .
De Awani scheen haar verrastheid te zien , en bedaarde toen .
Zichzelf kalmte opleggend hervatte hij :
“ Als Regent van deze nederzetting en haar omliggende landerijen , en omdat ik mijn
eed gestand moet doen heb ik besloten dat het onmogelijk is om hier niet te komen wonen .
Daar ik het aanzien waard ben , en tevens vermogend genoeg , moet mijn huis daarvan getuigen , en aan de nederzeting bijdragen . Ik kan natuurlijk net zo goed iets verderop een torentje als dit neerzetten , maar dat zou maar vreemd overkomen en delen we een muur dan sparen we de stenen uit voor een derde verdieping en weergangen .”

Ondertussen snapte Ysiwit waar Klyssen naartoe wilde , maar liever had zij er
nu niet over willen nadenken . Andere zaken speelden door haar hoofd .
Toch , zo bedacht zij zich , zou hij hierop terug blijven komen , en eigenlijk deed het er
haar niet toe . Zij twijfelde en was niet eens zeker of zij hier zelf wel zou blijven .
Hoewel zij nu besefte dat zij zwanger was , en de winter voor de deur stond , was het de laatste dagen steeds vaker bij haar opgekomen om het dorp te verlaten .
Waarheen was niet belangrijk , ze voelde zich hier niet langer thuis , als ze dat ooit al had gedaan . Zij besefte heus wel dat Klyssen dit nooit toe zou staan , en zich alle moeite zou
getroosten haar ervan af te brengen , maar dat was zij bereid op de koop toe te nemen . Toch was er ook iets wat haar weerhield . Iets onbestemds waarmee zij moeilijk raad wist .

Daarom besloot ze zijn bouwplannen niet tegen te houden .
Toen zij het hem vertelde kon hij zijn geluk amper verbergen . Opgetogen sprak hij :
“ Dan ga ik nu meteen wat ambachtslieden zoeken , we kunnen morgen beginnen en
voor de winter echt aanbreekt al een heel eind gevorderd zijn .”
Ysiwit kon hem als antwoord slechts een amper gemeende glimlach geven .
Hij liep snel de toren uit , en vergat in zijn haast de deur achter zich te sluiten .

Zij wenkte de bijzitten te blijven zitten , liep naar de deur , greep de gebroken klink , en sloeg de deur in het slot.
Daarna nam ze aan de tafel plaats bij de bijzitten .Dezen toonden hun bedrevenheid
in het vervaardigen van fijne borduursels . Zij had gezien dat rijkere en
voorname boerinnen maar ook wel eens boeren zich vaak hulden in weelderig bewerkte kledij .

Vreemd genoeg zien de Awani hier dan weer geen ijdelheid in ,
maar verklaren het meer als een waardering voor de kunde en
vaardigheden van Vrouwen van welvarende bedoeningen .
Hoewel hun werken meest met fijne draad en eenkleurig worden vervaardigd ,
sprankelt het licht er in vele schakeringen vanaf .
Vaak word een ingewikkeld motief vele malen ,
ongekend nauwkeurig herhaald over het hele werk .

Ysiwit sprak nog steeds geen woord Awani en kon zich ondanks haar handgebaren niet duidelijk maken .
Al snel wisten de vrouwen zich geen raad , en een voor een gaven zij het op en trokken zich terug in hun werk . Ook Ysiwit werd stil , langzaam verzonk ze in gedachten .

Ze was zwanger , hoe kon het ook anders ?
Toen zij zich destijds aan de Grote Slaneesh wijdde , moet die hebben beschikt !
Toch was er twijfel , was het van Koren zoals de stervende Chesne op het allerlaatst had uitgeschreeuwd , hoe kon zij dat zo zeker weten ?
Het leek Ysiwit onwaarschijnlijk dat Korens Oude , verdorde lendenen haar hadden bevrucht ,
eerder dan het zaad van de Jonge smid Krall .
Waarom had Chesne haar aangenomen als haar dochter ?
En dan ; De jonge Lyganni krijger die binnen zestien maanloze nachten moeder , en met nog drie maanloze nachten , het jaar sinds haar gevangenneming volmakend , daarbij , Awani van aanzien werd !
Zij kon zich het nauwelijks voorstellen .

Zo zijn Godsdaden .
De mens verzucht of lacht .
Het zal niet deren .
De zaken nemen hun loop ,
en gaan zoals ze gaan .
Alles dient hun doel .
De een beweent zijn lot , en zwelgt in verdriet .
Een ander volhardt , en leeft als een nar .
Wanneer beiden dan sterven ,
lacht de droeve , huilt de zot .
Hun schaduw aan de Goden geschonken ,
zullen die er over oordelen ,
en ze naar hun inzicht een plaats aan hun zijde gunnen .

Een vermogend man ’s nachts
in het donkere woud ,
vreest de rover en denkt :
Ik loop niet over de weg , dan ben ik gezien !
Hij gaat van het pad en verdwaalt al snel .
Dan bijt de slang hem ,
slaat de beer hem ,
wurgt de kat hem ,
en verscheurt de wolf hem .
Geen neemt zijn goud en zilver .
Zij geven niets daarom .
De rover sliep onderwijl !
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:23 am

Opnieuw probeerde Ysiwit de bijzitten te benaderen .
Ze stond nadrukkelijk op , wreef met haar hand over haar buik , maakte een ongemakkelijke
glimlach en zei : “ Koren . “
De bijzitten begrepen haar meteen en schenen haar te bevestigen .
Ysiwit zette door , ze pakte een borduursel , wees op haar buik en trok zich vervolgens
denkbeeldig een tuniek over het hoofd .
De Awani vrouwen keken haar even welgemeend maar vol onbegrip aan .
Toen trok Ysiwit een van de vrouwen bij het tuniek , wees opnieuw op haar buik ,
en gaf met naar elkaar toegebogen wijsvinger en duim aan dat zij op iets kleins doelde .
Eindelijk begrepen de bijzitten haar gebaren :
Mooie , passende kleertjes voor de kleine Koren .

De oude bijzitten raakten verheugd , en opgetogen schaterden zij door elkaar .
Een der vrouwen nam daar echter niet lang aan deel . Zij stond op ,
liep naar een kist in de hoek van het vertrek , haalde er een lap uit en kwam toen terug naar de tafel .
Ze schoof de borduursels terzijde en ontvouwde een kleine , zichtbaar oude , maar goed onderhouden banier .
De banier was grijs gekleurd door de jaren , maar Ysiwit kon zien dat deze ooit
zilverwit moest zijn geweest , de vouwen in de stof getuigden daarvan .
Het borduursel lag als een flinterdun gedreven laag onaangetast staal bovenop het weefsel ,
en glansde in het kaarslicht . Dit moest de banier van Korens huis zijn zo besefte zij .
In elk van beide onderste derden van de gaffel was een klimmende draak afgebeeld ,
in het bovenste derde , drie halve manen op rij .

Ysiwit wees op de banier en pakte opnieuw het tuniek van een van de bijzitten vast .
Daarna wees zij nadrukkelijk op zichzelf . Ze deed een stap naar achteren en reikte haar
hand tot net boven haar knieen .
Ook dit schenen de vrouwen te begrijpen ,
een nieuw , wit en langer tuniek voor de zwangere Ysiwit .



De Grote Witte komt steeds lager .
De dagen worden korter , de nachten lengen .
De ochtend en avond worden bloedrood , lang is de maanloze nacht .
In korte tijd valt het blad van de boom , en vergaat al het groen behalve de spar . De stormen gieren fel , de regen en hagel slaat op de kale akkers .

Al snel valt de eerste sneeuw en schenkt de zuidelijke landen van Awani de tijdloze
schoonheid van de rood glinsterende winterpracht .
De Awanischuren zijn vol , het vee staat dampend in de stallen . Alles is klaar voor de lange koude winter . De boer voert zijn vee , en slacht , en heeft daarna de tijd om zich aan zijn nijverheden te wenden . Rond hun behagelijke vuren kruipen zij bij elkaar , vertellen verhalen en vervaardigen onderwijl de kunststukken waarvoor zij zo bekend zijn .

Nog hoger valt de sneeuw , dieper in de winter .
Zelfs ver van de bergen van Tyra , reikt het tapijt hoger dan een man zijn schouder .
Dan viert men een groot en luisterrijk feest . Enkele dagen lang gaan de Awani zich onbekommerd te buiten aan schranspartijen en drinkgelagen . Daarbij putten zij hun voorraden onbaatzuchtig uit . Op de laatste dag van het feest , gaan zij door de in de sneeuw uitgegraven paden het dorp in . Zij slaan trommen , blazen klaroenen en maken veel gerucht .
Zij trekken van bedoening naar bedoening , en schooien door het zingen van vrolijke liederen
aldaar een hap of een dronk af . Op deze dag worden vele geschillen vergeven en bijgelegd .
Tot laat in de nacht puilen de herbergen uit . De Awani feest die dag , tot hij er bij neervalt .

De ochtend daarop , vangen zij aan sober te leven en te vasten .
Dit doen zij zolang de rest van het seizoen duurt , naarmate hun voorraad strekt .
Als dan na vele koude maanloze nachten , de dooi inzet , en de eerste bloemen zich
laten zien , begint de Awaniboer de winterschade te herstellen en zijn akkers te bewerken .
Het vee wordt naar de nog schrale weide en heide gebracht en het veensteken vangt aan .

Hier in de landen dicht onder de bergen , ver van de zee , is de grond tot laat bevroren en
overleeft geen wortel of knol van nuttig gewas behalve struik of boom de winter . Hoewel de zomer warm en lang is , schenkt Atherin deze streken slechts een enkele oogst per gewas . Deze is dan meestal wel overvloedig . Want het boeren zit de Awani in het bloed , zij weten wat , waar en wanneer te zaaien of planten , verbouwen en oogsten .
Hun vee wordt vet op de zomerse grazige bergweiden , en zij hooien overvloedig . Daarom ook zijn zij zo een rijk en machtig volk !

Plots schiet alles in bloei , de dagen lengen , Atherin laat haar ware kleuren zien .
Als de Grote Witte langer schijnt en iedere dag hoger klimt , beneemt de schitterende bloesem de mens de adem in ontzag voor zulk een schoonheid . Alles gaat leven , als de eerste lammeren worden geboren , viert de Awani opnieuw .
Jonge knapen en meiden , drommen dagenlang tot laat op het dorpsplein . Zij dragen hun schoonste tunieken en dagen elkaar ondeugend uit . De laatste nacht van het feest eindigt
in losbandigheid .
De ouderen klagen , maar herinneren zich ook , bijna afgunstig hun eigen jeugd , toen zij ook zulke schalkse daden begingen .
De lange koude winter is voorbij .
De warme zomer breekt aan .
De Awani zullen nog vele overvloedige feesten vieren voordat de winter weer komt .
De eerste markt heeft al vroeg in het seizoen plaats .



Ysiwits was uiteindelijk gebleven , gedurende de winter was zij zelfs amper buiten geweest .
Haar zwangerschap was haar ondertussen duidelijk aan te zien .
Toen zij in gezelschap van Klyssen over de markt liep ontlokte dit bij vele Awani welgemeende uitingen van liefdevol meeleven . Alsof zij Chesnes voorspelling onder
hun ogen bewaarheid zagen worden .
Dit deed Ysiwit zichtbaar goed . Eerstens had zij trots gevonden in haar zwanger zijn ,
ondanks het ongemak en ongenoegen dat haar alsmaar groeiende buik en haar veranderlijke luimen veroorzaakte , daarbij kwam dat zij zich eindelijk aanvaard voelde .
Ysiwit had zich er ondertussen op toegelegd , de taal van de Awani te leren spreken ,
wijlen Korens bijzitten hadden haar daarbij geholpen , en soms ook Klyssen .
Hij deed zijn best iets wat op een vriend leek voor haar te zijn .
Hoewel hij meest met de bouw van zijn toren bezig was geweest , en zich bovendien veelvuldig moest mengen in de gang van zaken in de nederzetting , nam hij soms de tijd
om haar bij te staan en haar te vermaken .

Vandaag had hij haar gevraagd om met hem de markt te bezoeken .
Eerst had zij geweigerd , maar hij had net zolang aangedrongen totdat
ze toe had gegeven . Zodra zij de markt op waren gelopen hadden zij elkaar bij de hand genomen . De Awani lachten hen ongedwongen en verwachtingsvol toe .
Toen zij zich tussen de kramen begaven werd Klyssen door de pracht van zovele
uitgestalde waren , al snel van kooplust bevangen .
In korte tijd kocht hij twee wandkleden en een stel grote , ijzeren pannen .
Bedreven dong hij af op de prijs en stapte na iedere aankoop voldaan op Ysiwit af , die
ondertussen wachtte en steeds vaker in gesprek met de passerende dorpelingen raakte ,
om haar en anderen die daar waren , te zeggen dat het voor in zijn toren was .

Deze Toren stond ondertussen twee volledige verdiepingen hoog en de bouw vorderde gestaag .
Een niet al te grote maar zeer bekwame groep bouwlieden en ambachtslieden werkte er dagelijks aan .
Wanneer er geen prangende zaken in het dorp zijn aandacht opeisten , stond Klyssen
naast de werklieden op de steigers . Zijn toren was in vlaktemaat eens zo groot als de oude , en zijn beneden verdieping telde twee vertrekken . Er was geen toegang langs de onderste verdieping , deze bevond zich op de bovenliggende . Een stevige houten trap leidde er naartoe maar reikte slechts tot op zes stappen van de deur . De toegang tot de toren was dan alleen te verkrijgen over een smalle ophaalbrug , als die op de trap neer was gelaten .
Hoewel Klyssen er bij de oude bijzitten van wijlen Koren vaak op had aangedrongen dat de buitendeur van hun vertrek in verband met de verdedigbaarheid van de toren , dichtgemetseld moest worden , hadden deze hiermee niet ingestemd omdat op hun leefdtijd trappenlopen pijnlijk was . Daarvoor kon hij wel begrip opbrengen , maar toch zat het hem dwars .
Daarom had hij besloten voorlopig geen doorgangen tot de oude toren uit te hakken .

Maar Klyssens bouwplannen gingen veel verder zo was vast komen te staan vlak nadat de vorst uit de grond was verdwenen . Een andere groep werklieden was aangekomen en groef nu in zijn opdracht een diepe gracht rond de ringmuur . Met het gewonnen zand werd rond de torens een wal opgeworpen waarop de palissade werd verhoogd , iedere negende dag vorderde hij zelfs de dorpsbevolking hieraan mee te werken . Toch werd er niet geklaagd , want hij betaalde naar stadse normen .

Langzaam kleurde alles rood , De vroege voorjaarsavond viel .
Op de markt werden vele toortsen en vuurtjes aangestoken .
Een warm briesje zorgde ervoor dat het een aangename voorzomeravond zou worden .
Ysiwit had samen met Klyssen de hele dag over de markt geslenterd , had hier en daar wat
gegeten , en hier en daar wat gedronken en had zelfs even met Klyssen gedanst op de vrolijke
klanken van de rondlopende muzikanten . De dorpse bevolking zag het aan , klapte verheugd in hun handen , en onder de oude besjes werd reeds over een huwelijk geroddeld !
Tot zoverre had Ysiwit zich uitstekend vermaakt die dag , maar
de Awani verviel daarna tot overmoed en losbandigheid .

Hij deed zich in ruime mate tegoed gedaan aan wijn en fladderde intussen
van boerendeerne naar keukenmeid om in zijn beschonken stoerheid indruk op hen te maken .
Toen een tweetal meiden daadwerkelijk inging op zijn dronken snoeven , hem verleidelijke
blikken toewierp , zich de lippen likte , hem zelfs onbetamelijk begon te betasten en hij zich dit alles liet welgevallen , vond Ysiwit het genoeg . Zij liep op hem toe en trok hem bij de wellustige meiden weg .
Deze beantwoordden dat meteen met een afgunstig schelden en tieren .
Maar Ysiwit negeerde ze , en dwong de tegensputterende Klyssen naar de minst druk
bezochte kraam . Daar aangekomen brak zijn verzet en hij zette zich met een dronken . alles trotserende grijns op zijn gezicht , maar onzeker waggelend , schrap om uitgefoeterd te worden . Ondeugend wierp Klyssen eerst nogmaals een blik op de meiden en lachte daarbij breeduit .
Ysiwit draaide hem toen fel met zijn rug naar het nu fluitende tweetal .
Daarna stak zij van wal , ze maakte hem zowel in Lyganni als Awani uit voor dronkelap
en schandknaap en nog veel ergere dingen .

Toen zij uitgeraasd was keek hij haar even vragend aan .
Plots strompelde hij langs haar af , sloeg in het voorbijgaan een zware arm over
haar schouder en dwong haar te volgen . Ze werd kwaad en probeerde zich aan zijn greep te ontworstelen , maar enkele stappen van de kraam verwijderd liet hij haar los , gooide zijn handen in de lucht , liep op de koopman toe en riep :
“ Brynn , Ouwe … eendenfokker !”
Even zag de zacht vloekende Ysiwit , dat de koopman twijfelde , maar toen herkende hij Klyssen en kwam vanachter zijn kraam uit rennen . Hij lachte en spreidde zijn armen begroetend :
“ Klyssen , zuiplap , luister naar je Vrouw ! “
Zij vielen elkaar in de armen en Klyssen schaterde :
“ Eendenfokker , dat is mijn Vrouw helemaal niet ! “
Gevat grapte de koopman terug :
“ Dat is dan jammer voor jou , sukkel ! “
Beiden barstten in lachen uit .

Toen zij tot zichzelf gekomen waren , stelde Klyssen , Brynn en Ysiwit aan elkaar voor :
“ Vrouwe Ysiwit , dit is Brynn , een ouwe strijdmakker van me . We hebben elkaar
niet meer gezien sinds we van de Kell af zijn gekomen . Hij mag dan een ouwe
eendenfokker wezen en rotzooi verkopen , het is best een geschikte kerel .
Brynn dit is Vrouwe Ysiwit , zij is van Oude Lyganni bloedlijn en zal in niet al te lange tijd
Awani worden . Bovendien is zij de aangenomen dochter van wijlen mijn zuster Chesne en
dus ook van Brangels Huis . “
Nog steeds kon Klyssen zijn dronkenschap amper verhullen .
Maar Brynn nam er in tegenstelling tot Ysiwit geen aanstoot aan .
Hij richtte zich tot Ysiwit , maakte een lichte maar galante buiging en sprak in bijna volmaakt Lyganni tot haar :
“ Geachte Vrouwe , ik was reeds voornemens de zaak voor vandaag te sluiten , en heb mijn
bedienden al een tijd geleden gevraagd een maaltijd te bereiden . Mag ik U en Uw ietwat
aangeschoten begeleider aan mijn dis uitnodigen en U fijne spijzen en dranken aanbieden ?
Ik beloof U dat ik U niet lastig zal vallen met vervelende oorlogsverhalen .
Een van mijn bedienden een jonge , goed opgevoede knaap is ook van Lygann Kraw . Hij is nog niet zolang geleden aan mij … toegevallen . Misschien stelt Gij het op prijs om met hem te spreken . Als U zo wenst zal ik hem vragen ons te vergezellen . “

Ondanks Klyssens beschonkenheid , kon zij op grond van zoveel beleefdheid de uitnodiging
niet afslaan . En hoewel er niets was in Lygann Kraw waarnaar zij terug verlangde , was er toch een bijna wraakzuchtige nieuwsgierigheid ; Hoeveel branden waren er geweest in het woud , hoeveel Lyganni dorpen weggespoeld door de laatzomerse stortbuien , wat voor nieuwe duistere gedrochten of ongenaakbare schoonheden , had het diepste van het donkere woud , waar geen mens nog Uroc Lygann ooit in is doorgedrongen , voortgebracht ?
Daarom en ook omdat Brynn haar een hartelijk en gul man leek stemde zij toe .

Brynn gaf zijn kraambediende opdracht de handel op te ruimen en leidde hen vervolgens naar zijn tent die een eindje verderop onder de ringmuur stond .
Het was geen tent zoals Ysiwit die van de Awani kende .
Awani tenten waren meest stevige rechthoekige bouwsels van dikke , houten palen en daar doek van dicht weefsel strak overheen gespannen .
Zo iets als dit , had zij nog niet eerder gezien .
Dit was een ronde uit dierenhuiden opgetrokken tent , even groot dat wel , maar een vermogende Awani onwaardig zo scheen het haar .

Zij moesten door hun knieen om toegang te krijgen tot de tent , hetgeen Klyssen niet gemakkelijk verging , maar ook Ysiwit niet !
Haar zwangerschap reikte ondertussen tot over de negende van de zestien maanloze nachten !
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:23 am

Binnen in de tent aangekomen bleek deze ruim en verlicht door vele olielampen .
In het midden brandde een helder vuur .
De weinige rook ontsnapte snel door een gat bovenin .
Dicht bij het vuur stond een lange , smalle tafel , rijkelijk voorzien van de meest heerlijk
uitziende spijzen , opgediend op sobere tinnen schalen . Verse vruchten van ongekende omvang , haas van rund en varken , braad van konijn en ever , verse paddestoelen en uien !
Groene kolen , rijpe noten en vers gebakken zuurdesembrood , gevogelte en stokvis .
Honing , kaas en zachte boter .
Een maaltijd een Kampioen waardig !

Klyssens geest verscherpte terstond .
De zinnenprikkelende geuren van Brynns overvloedige dis , overmanden hem , en deden hem watertanden . Ook Ysiwit bleef er niet onberoerd door .
Er stond een drietal grote zetels rond de tafel , en alsof Brynn er op gerekend had , nodigde hij zijn gasten uit plaats te nemen . De Awanai zelf ging in de zetel aan het hoofd van de tafel zitten .
Vanuit een fel fonkelende kristallen karaf schonk hij hen vervolgens ieder een glas wijn .
Hij hief zijn glas op en offerde beleefd zijn dronk ter heil en geluk voor Ysiwits ongeboren kind .
Klyssen beaamde zulks onbehouwen door zijn wijn in een teug weg te slikken .
Voorzichtig nipte Ysiwit van haar donkerrode wijn .
Tot haar verbazing smaakte deze in het geheel niet wrang , maar eerder zacht en zoet .
Meteen stond Brynn op en schonk Klyssens glas weer vol .
Ysiwit keek hem daarom vermanend aan maar hij knipoogde en zei haar dat het amper kwaad
kon omdat de wijn zoveel aangelengd was dat de geest er haast uit was .
Zij geloofde hem en nipte zelf nog een keer .
Toen begonnen zij met de maaltijd .

Het kwam Ysiwit voor dat Brynns veldkeuken meer van afkomst getuigde dan zijn tent .
Zij genoot van de vreemde maar zeer smakelijke gerechten die hij haar voorschotelde en
at alsof zij enkele dagen niets gegeten had ! Onderwijl propte Klyssen zich onbeschaamd vol met de lekkernijen , maar steeds vooraleer hij een nieuw gerecht nam , vroeg hij Brynn om de naam ervan . Dan zei hij dat na , en verslond het met zichtbaar genoegen .
Het deed Brynn zichtbaar deugd dat beiden zijn dis zo hoog aansloegen en hij schiep er
behagen in om de kookkunsten van zijn kok met dichterlijke woorden te roemen .
Zijn kok zo vertelde hij , kwam uit het zuidelijke Nara .
Zo ook het meeste van zijn helaas, in deze Noordelijke streken zo onfortuinlijke handel .

Nara is ons Lyganni minder onbekend dan het de Awani is . In het zuidwesten van Lygann
Kraw beneden de uitlopers van het massief van Tyra deelt het de machtige rivier de Dymme
met ons als grens .Hoewel er geen steden van enig belang daar zijn , bestond er eeuwen lang handel over de Dymme , en de stammen die daar wonen waren elkaar lang welgezind !
Wij kennen alle de geschiedenis die volgt , maar daar zal ik nu nog niet over spreken ,
daar deze in dit verhaal zijn eigen plaats kent .

Zelden waagt een Awani de reis over de pieken van Tyra of door Lygann Kraw , over de Dymme , en ook andersom reist een Naraan zelden of nooit naar Awani .
Waar de Awani eerst en vooral krijger is en daarna boer op rijke grond ,
is de Naraan eerst en vooral boer en pas krijger als men hem zijn schrale grond ontneemt .
Het Naraanse volk staat slechts bekend vanwege haar smakelijke keuken en omdat het
de Grote Ehun aanroept .
Maar iedere Lyganni voelt nog tot op vandaag de dag , het verlies van zijn zonen en dochters ,
alle huizen rouwden vele maanloze nachten , toen die niet van over de Dymme terugkwamen ,
en in Nara achterbleven!
Verder is niets noemenswaardig betreffende de Naranen !

Ysiwit kende aldus geen wraakzucht naar de Naraanse kok toen Brynn deze ontbood zich
aan het gezelschap voor te stellen , en was voornemens zijn kookkunst hogelijk te loven . Vanachter een doek kwam een kleine , pezige man . Nukkig nam hij de lofbetuigingen tot zich en sjokte vervolgens ondankbaar terug naar zijn potten .
Beleefd en enigszins beschaamd , verontschuldigde Brynn zich voor het gedrag van zijn bediende en hij schonk de glazen nogmaals vol .
Daar Ysiwit hem nog meer ongemak wilde besparen vroeg zij hem voorzichtig naar de
de Lyganni knaap waarover hij eerder had gesproken .
Dankbaar nam Brynn de hem geboden gelegenheid aan , verzocht het tweetal te wachten
terwijl hij de knaap zou halen , en verliet de tent .
Klyssen liet zich ondertussen onverstoord gaan in zijn schransen . Ysiwit zag het even
aan en voelde een lichte walging opkomen .

Maar al snel kwam Brynn de tent weer binnenkruipen met achter zich de opvallend forse gestalte van de Lyganni knaap .
Zodra zij beiden in het licht traden , en Ysiwit de knaap in het gelaat zag , ging er een
rilling door haar heen . Het zweet brak haar uit en haar tong werd dik in haar keel .
Ze stond op en liep naar hem toe . Toen pas geloofde zij haar ogen en wist het zeker !
Daar stond van alle Lyganni voorwaar haar jongste broer Ysranee !
Deze had haar tot dan toe niet herkend , maar Ysiwit kon zich niet bedwingen .
Zij barstte in vreugdetranen uit , rende op hem af en viel hem om de hals .
Hoewel verrast ving de sterke knaap haar handig op , en pas toen hij haar zijn naam uit hoorde
snikken , wist hij wie hij in zijn armen hield . Er volgde een hartstochtelijk omhelzen , huilen en zoenen .
Beide Awani keken elkaar bedenkelijk aan .
Vanachter het doek konden zij de kok geniepig en voldaan horen lachen .


Van De Grote Ehun weet ik dit :
Hij heerste over Nara en liet geen ander daar toe .
De Naraan vreest hem meest ,
en kent daarbij geen genade voor het offer .
Het kan daarom van mij als een wijs advies aangenomen worden ,
als ik U raadt de Naraan te vermijden !
Aanbidt Uw Goden , en geen andere !
Blijf op het pad en vreest de rover niet !
Zoekt de onheil niet op !
Mijn eigen oudste broer en oudste zuster ,
kwamen beiden niet terug van over de Dymme .
Toch weet ik dat zij onze Grote Goden tot op het laatst toe trouw bleven ,
stierven met hun naam op de lippen ,
en hun schaduwen aan hun Goddelijkheid zijn toevertrouwd .
Ik zou er wat voor geven om hen nog eenmaal weer te zien .
Maar toch , ik zal niet twijfelen ,
omdat het is zo gegaan .
Zo moest het zijn , voorwaar !

Op de laatste dag van de tijd , als de Grote Chaos Goden met hun legers terugkomen naar Atherin , om hun erfdeel op te eisen en daar de Ene en zijn heerscharen zullen treffen op de Verzuchte Velden in de allesomvattende slag , zullen hun schaduwen daar trots aan de zijde van de Lyganni Goden staan .
Wie kan zeggen hoe die allerlaatste strijd zal verlopen !
Geen kent het doel van zijn leven ,
geen kent het doel van zijn dood .
Het is slechts bekend aan de Grote Goden .


Einde van het Vierde Deel van de legende van Ysiwit ,
na gedegen onderzoek opgetekend te Bashoa’m Tall in
Lygann Kraw door Efiswit , priesteres van de Lyganni .

*Einde deel 4*
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:24 am

*Deel 5*

Het werd beide Awani al snel duidelijk wat er aan de hand was .
Brynn zag de innige omhelzing van de zojuist herenigde familieleden even aan en besloot
hun geluk niet te verstoren . Hij liep terug naar de tafel en nam plaats in zijn zetel .
Hij schonk zichzelf een glas wijn in en gaf de karaf vervolgens door aan Klyssen .
Die nam deze met alle graagte aan , schonk zijn glas vol tot aan de rand , bracht het
voorzichtig aan zijn mond en slurpte van de wijn . Toen zette hij zijn glas terug op tafel ,
zag dat Ysiwit en haar broer op een kleed bij het vuur waren gaan zitten , en wendde zich
tot Brynn :
“ Zo gaat dat kameraad ! “

De koopman keek hem en antwoordde bevestigend :
“ Zo gaat dat . “
Hij nam een hap van een lekkernij en vroeg Klyssen hoe het hem ging en wat er zoal
met hem gebeurd was sinds zij elkaar voor het laatst hadden gezien .
De benevelde Awani moest even nadenken .
Maar hij hervond zijn herinneringen en vertelde dat hij na het beleg van de Kellveste , samen
met zijn vader Brangel , naar huis was gegaan . Kort daarna was deze ziek geworden en had
het gezag over zijn uitgebreide bezittingen , noodgedwongen over moeten geven aan zijn oudste zoon .
Hoewel deze het Regentschap had aanvaard , wilde die vanwege de gezondheid van zijn vrouw, in zijn eigen Vesting aan de Grote Zee blijven wonen . Daarom had hij
Klyssen opgedragen om Amayuhn en de omringende landen in de naam van het Huis te regeren .

Maar de Oude Brangel had begaafde genezers in dienst , en was al snel weer op de been .
Onderwijl was Koren de Onfortuinlijke overleden , die getrouwd was met zijn
dochter Chesne .

Nu wendde Klyssens ogen zich in de richting van het vuur .
Hij zag dat Ysiwit een arm op de brede schouders van haar grote broer , die het scheen uit te snikken , had gelegd .
De drank werd de stoere Awani nu ook bijna te machtig .
De tranen braken hem uit .
Beschaamd wreef hij ze snel weg en sprak amper overtuigend tot Brynn :
“ Ik weet nog dat ik mijn zusters bode ontving en haar brieven las .
Daarin schreef zij , dat na Korens dood haar leven haar van weinig betekenis was geworden ,
en dat het enige wat haar nog restte , haar aangenomen Lygannidochter was , en de wil de nederzetting voor Korens Huis te behouden , daar onze broer Kath volgens haar voornemens was , zich de bezittingen oneigenlijk toe te eigenen of te verdelen .
Ik snapte er helemaal niets van , en wist mij geen raad . Juist de dag daarvoor waren in Amayuhn een rijke bedoening en een korenmolen afgebrand . Er kwamen die dag naast de bode , de wanhopige boer en de berooide molenaar zeker dertig andere boeren die een aanvraag deden om hun graan ergens anders te laten mogen malen . Ik zond de bode heen en legde het bericht terzijde om er later over na te denken .
Vader was nog zwaar ziek en ijlde in koorts .
Zoals ik al zei , werd hij echter snel weer beter . Toen hij zich enige dagen later weer sterk genoeg voelde om zich met regeringszaken bezig te houden , en van de zaak vernam achtte hij deze van zeer groot belang . “

Klyssen kwam nu een stuk nuchterder over dan hij waarschijnlijk was .
Zij ogen schitterden plots en een wrange glimlach verscheen op zijn gezicht .
Hij nam een verse kers van een schaal , stopte die in zijn mond en kauwde hem
langzaam weg . Achteloos spuugde hij de pit naast zich uit en ging toen verder :

“ Tja , Vader is uit bed gekomen en heeft me onder mijn kont geschopt !
Hij had gelijk , ik had iets moeten doen , ik had het voortbestaan van ons Huis op het spel gezet !
Toen heeft hij het gezag over zijn bezittingen weer op zich genomen .
Hoewel hij amper hersteld was , liet hij zich zijn harnas aantrekken en zijn zwaard omgorden .
Hij stuurde mij weg met de opdracht hetzelfde te doen .
Dezelfde dag nog , laat in de avond zijn wij samen met de Garde uitgereden .
Hoe welgezind de Goden ons moeten zijn geweest , we kwamen net op tijd aan !
Iedere Heer van aanzien was hier met een afdeling uitgelezen krijgers , op Kaths uitnodiging .
Maar de Orc Tyra was ongewoon vroeg uit de bergen gekomen en zat hen op de hielen .

Plots bevinden alle eerbiedwaardige Awaniheren zich onder beleg in een afgelegen en slecht verdedigbare nederzetting , hun eigen dorpen en landerijen liggen onbeheerd voor de Orc Tyra om leeg te roven . Dat was nu ook weer niet de bedoeling !
Dan begaat mijn broer Kath grove oneer jegens de Vrouwe van de Lyganni ...”

Klyssen hield in , en staarde even in het walmende vlammetje van een snuit .
Nadat hij een kort moment zo zat , ging hij met een diepe zucht verder :
” Nu ja , dat lost mijn zuster op, en bovendien verdrijft zij het berggespuis en sterft daarbij zelf . Zij laat mij het Regentschap over deze nederzetting en de omliggende bezittingen .
De heren druipen onverrichter zake af . Het Huis van Brangel heeft zijn leidende rol bevestigd . De oude man leeft en staat nog vooraan in het gevecht , dus twijfelt geen Awani ,
de zaken liggen zoals ze liggen . Mijn zuster Chesne is dood …
Ik woon hier nu vanaf de late zomer vorig jaar , en bouw hier mijn eigen toren !
Hij is al bijna klaar , je moet morgen maar eens komen kijken .”

Tijdens Klyssens bekentenis had Brynn vele malen zo onopvallend mogelijk naar Ysiwit
gekeken . Hij trachtte heimelijk haar schoonheid te bewonderen , totdat Klyssen al een tijdje
uitgesproken was . Brynn had dit schijnbaar niet eens door !
Rustig pakte Klyssen een kers , en mikte hem op Brynns hoofd . Wonderbaarlijk genoeg trof
hij doel , en Brynn schrok als ontwaakte hij uit een ondeugende droom .
Klyssen sprak hem toe alsof hij hem betrapt had :
“ Nee , nee , nee , eendenfokker , vergeet het maar !”

De koopman wierp hem tegen :
“ Het is je vrouw toch niet , ze is dan wel zwanger , maar ze is prachtig , wat maakt het jouw
dan uit ? “
Maar de krijger antwoordde vastberaden :
“ Zij is Lyganni , en de Grote Slaneesh volledig toegewijd . Een nacht van haar liefdesdaden
en de dagen van een man als jij of ik , zijn geteld . Geloof me , ik heb van haar soort eerder gehoord !
Ze is prachtig zoals je zegt , en ik ken haar goed . Ik nam haar in gevangenschap op de dag dat
de muren bestormd werden .
Zij is ongenaakbaar , geschonden maar trots . Als geen andere Vrouwe die ik ooit kende bewonder ik haar , en ik heb daarom een eed gezworen haar eer te bewaken . Ik heb nooit
gemeenschap met haar gehad , en ik leef nog .
Daarom sta ik het niet toe ! “

Omdat Klyssen nu van onderwerp wilde veranderen , besloot hij zij kameraad een aanbod te doen :
“ Je handel levert hier niet veel op Brynn , “ zei hij ,
“ Morgen moet je waarschijnlijk weer rauwe bieten en gerstepap eten ?
Wat als ik je voorlopig uit de problemen help door de resterende dienst van je Lyganniknaap af te kopen ?
Maar de koopman gaf niet af :
“ Zo een harde werker kan ik niet missen , “ zei hij ;
“ En waarom zou ik de Vrouwe niet mogen benaderen , jouw eed weegt niet op tegen haar voorkeur ! “
Dit kon Klyssen slechts beamen , maar nogmaals drukte hij zijn kameraad op het hart dat
de Vrouwe Ysiwit onbereikbaar was , en dat ook moest blijven , ware het alleen al vanwege
de nazaat die in haar groeide .

“Zo’n zoon heeft een vader nodig ! “
had Brynn geantwoord , en hij had ook daarin gelijk gehad volgens Klyssen ,al uitte hij daarbij grappend doch welgemeend zijn twijfels omtrent Brynns geschiktheid in deze .
Pas toen Klyssen bemerkte dat hij de Koopman niet van zijn voornemens kon afbrengen ,
en hem haar bevallige gestalte met toenemende wellust zag bewonderen , voelde hij zich
gedwongen zich te laten gelden . Hij stond op uit zijn zetel en leek zijn dronkenschap achter zich te hebben gelaten .
Zeker leunde hij over de tafel en sprak zijn kameraad nadrukkelijk vermanend toe :
“ Ik sta het niet toe Brynn , van niemand niet of zij moet het me zeggen .
Raak haar met een vinger aan , zeg haar een verkeerd woord , en ik sla je dood !”

Brynn viel achterover in zij zetel . Hij keek zijn opgewonden vriend schalks aan
en zei hem onomwonden :
“ Zo zal het zijn , zo zal het zijn … maar zeg eerlijk Klyssen , geef het toe , je houdt van haar, en je wilt ze de jouwe maken !
Ik snap het best , ze is een Vrouwe die een man van jouw aanzien waardig is , en haar schoonheid , aard en inborst intrigeren je !
Maar zoals je al zei , is zij ongenaakbaar en onbereikbaar , ook voor jou !
Je hebt gelijk , ik heb een Vrouwe van zo een aanzien momenteel niets te bieden , jij misschien wel maar je weet zulks blijkbaar niet over te brengen .
Ik ga je de dienst van haar broer verkopen ,
ten eerste , omdat ik inderdaad krap bij kas zit en daarbij , omdat ik weet dat het jouw misschien van pas komt , maar het zal niet goedkoop zijn , de handel gaat slecht ! “

Brynn noemde een fiks bedrag , maar Klyssens wederbod was van vriendschappelijk
hogere waarde en de koopman ging daarom “ moeizaam” akkoord .
Zij besloten de zaak als afgehandeld te zien en vervielen al snel in ongebreideld snoeven
aangaande hun dappere oorlogsdaden op de Kell .

Ysiwit en Klyssen verbleven nog lang in Brynns tent , door slaap en drank overmand ,
strompelden zij pas terug naar hun verblijven toen de Kleine Rode al hoog aan hemel stond en de vroege vogels met hun onbezorgd gekwetter het eerste licht van de Grote Witte be-geleiden . Onder aan hun torens aangekomen wensten zij elkaar welterusten en gingen
daarna huns weegs .


De nieuwe dag breekt aan maar velen slapen door het hanengekraai heen .
Markten worden hier maar zelden gehouden , hoogstens twee keer per jaar .
Gedurende deze dagen hangt het volk tot laat in de nacht op het dorpsplein en feest .
Pas vroeg in de middag komen de Awani weer naar buiten , amper hersteld van hun mateloosheid , zichzelf echter zelden schamend voor hun losbandigheid .
De kooplieden hebben hun kramen vaak al gepakt . De eersten hebben de nederzetting zelfs al verlaten , op weg naar de volgende markt , die misschien wel helemaal in het verre Westen , nabij de grens met Atherin plaatsvindt , vele dagreizen van hier .

Ook Klyssen sliep een gat in de dag . Hij ontwaakte pas vroeg in de avond ,
toen de Kleine Rode bijna al weer onderging .
Hij klom uit zijn bed en gooide zich zijn tuniek over het hoofd .
Daarna gordde hij zijn zwaard om .
Even had hij problemen met zijn laarzen , maar toen hij die eenmaal aanhad , strompelde hij zijn onafgebouwde toren uit , in de richting van het marktplein .

Brynns onooglijke tent stond als enige nog overeind onder de palissade , maar zijn kraam was opgeruimd en zijn kar was nergens te zien .
Met veel moeite kroop Klyssen de tent binnen .
Het was er donker , alleen wat houtskool gloeide na ,op de plaats waar de nacht daarvoor het vuur had gebrand . De ogen van de Awani wenden maar langzaam aan het duister .
Voorzichtig zocht hij zijn weg naar de tafel en struikelde daarbij bijna over een bank .
Hij bezeerde daarbij zijn scheenbeen en vloekte het geschrokken uit .
Half voorover vallend greep hij naar de tafel maar miste die , en kwam neer op de borst
van de onbeweeglijke Brynn .
Meteen voelde Klyssen dat zijn handpalmen nat en plakkerig werden . Het zweet brak hem uit toen hij een vinger aan zijn mond bracht en proefde .
Nu wist hij het zeker .
Hij begaf zich snel als hij kon naar de uitgang van de tent en vloog er haast door .
Buiten aangekomen rende hij meteen naar het poortgebouw en probeerde luid schreeuwend en zwaaiend de aandacht van de wachters daarop te trekken .
” Moord , sluit de poort ! “ riep hij uit , maar zijn stem droeg niet ver genoeg , want hoewel de wachters hem opmerkten , verstonden zij niet wat te doen , en maakten daarom geen aanstalten om de zware deuren te sluiten en de valbrug op te halen . Juist trok er nog een trage kar over de gracht het dorp uit .
Buiten adem kwam Klyssen bij het poortgebouw aan maar hij was te laat om dat te zien .

Een wachter was hem de trap omlaag tegemoet gekomen en liep bijna tegen hem op .
Toen duurde het maar even voordat de toegang tot de nederzetting werd afgesloten .
Onderwijl had Klyssen deze wachter weggestuurd om versterkingen te halen .
Er was een misdaad gepleegd . Een vriend van hem lag dood in zijn tent .
De Awani moest iets doen , al was het ook hem onduidelijk of paniek , of inzicht hem op dat moment leidde . Hij hield even rust ,nam een paar diepe halen lucht en verscherpte zijn geest .
Toen gelastte hij een tweede dienstdoende wachter hem naar de vreemde tent te volgen . Klyssen nam een toorts bij het poortgebouw weg en ging voorop .

In de tent aangekomen werd Klyssen en de getuigende Awanikrijger duidelijk welk een wrede daad zich hier had afgespeeld .
In het flakkerende licht van de flambouw bleek Brynn schier onherkenbaar verminkt .
Zijn gelaat lag open gehaald door vele diepe reten op zijn schouder weggevallen .
Geheel zijn kleding was bebloed en verried overal sneden van messteken .
De nog jonge wachter had moeite zijn ontzetting bij dit aanzicht te bedwingen .
Brynns lichaam begon al koud aan te voelen .

Plots schoten Klyssen de meest verontrustende gedachtes door het hoofd .
Hij zegde de wachter hem te volgen en ging de tent uit .
Met stevige pas liep hij terug naar de woontorens , de jonge Awaniwachter volgde hem ontdaan en zwijgend , af en toe kon Klyssen duidelijk horen dat hij bijna kokhalsde .
Hij versnelde zijn pas tot hij uiteindelijk bij de woongebouwen aankwam .
Daar beval hij de krijger zijn wapen ter hand te nemen en op te letten .

Klyssen klopte op Ysiwits deur , maar er kwam geen antwoord .
Hij klopte nog een keer , nu ietwat luider , maar weer kwam er geen antwoord .
Toen besloot hij kabaal te maken door tegen de deur te schoppen , bij zijn eerste trap vloog de deur echter open , en bleek niet in het slot te hebben gehangen . Nu pas bemerkte hij dat het sluitwerk vernield was .
Zij gingen de toren binnen , Klyssen voorop .
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:25 am

Op de benedenverdieping troffen zij een nieuwe slachtpartij aan .
Twee van wijlen Korens bijzitten lagen met doorgesneden hals , doodgebloed op de vloer .
Gespannen stapten zij over hun lijken heen , de jonge Awani achter Klyssen kon zijn snikken niet verbergen .
Op de volgende verdieping wachtte hen de ergste beproeving .
Hier lag een drietal paartjes, halfontklede en in elkaar verstrengelde jeugdige vrijers tijdens het liefdesspel bij verrassing ontzield . De meedogenloze moordenaar had hun kelen doorgesneden .
De jonge Awani herkende onder de onteerde doden , een zuster van hem , en kon zich niet langer beheersen . Hij rende de trap omlaag de toren uit , viel buiten op neer in het gras en huilde het uit .

Maar Klyssen twijfelde niet .
Hij betrad het bovenste vertrek , want ook de laatste deur was niet op slot .
Daar zag hij in het rode licht dat door het venster viel , Ysiwit op het bed liggen .
De Awani sloop dichterbij . Zij leek in een onrustige slaap , en hij bemerkte dat zij in een verkrampte en gedrongen houding lag .
Haar adem stokte soms , en het zweet parelde over haar gezicht , alsof zij ernstige koortsdromen had .
De behoefte om haar in haar nood te kussen kwam in hem naar boven , maar hij hield zich in en deed het niet . Pas toen zag hij hoezeer haar tuniek en de lakens
besmeurd waren met bloed !
Eerst was hij verontrust en zocht hij op ’t oog naar verwondingen , maar daar hij die niet vond en Ysiwit onrustig doch schijnbaar ongeschonden sliep , schoten hem plots de meest ernstige vermoedens omtrent haar aard en daden hem door het hoofd .
Op dat moment grepen ongeloof , wanhoop en verbittering zich in hem ineen , als ware het zijn geest die uit hem weg vloeide , zo viel hij op zijn knieen neer .
Maar het moment van leegte was van korte duur , de Awani hervond zich snel .
Het eerste wat hij deed toen de rede hem terugkwam , was voorzichtig haar nagels bekijken .
Alleen Ysiwits linkerhand lag vrij , haar rechterhand lag tussen haar dijen geklemd .
Klyssen onderzocht haar linkse hand , en hoewel de palm onder het bloed zat , kon hij duidelijk zien dat haar nagels schoon waren . Hij herinnerde zich het venijn dat in haar vingers had gezeten toen zij zijn broer door zijn gezicht had geklauwd !
Afgaande op geruchten aangaande Lyganni die onder de Awani wijd verbreid zijn , onderzocht hij tevens Ysiwits mond , maar hoewel zij tot in haar hals onder het bloed zat waren haar lippen schoon en de aanblik ervan , bracht hem bijna in vervoering .

Wat moest hij nu doen ?
Moest hij haar bruut wakker schudden en haar meteen aan een scherp verhoor onderwerpen , of moest hij nu gaan , terwijl zij nog sliep , en zien hoe zij zou zijn ,
als zij vanzelf ontwaakte .
Uiteindelijk besloot hij haar voorzichtig wakker te maken .

Hij legde zijn hand op haar schouder en schudde haar zacht .
Daarbij fluisterde hij haar naam .
Eerst wierp Ysiwit , nurks , in haar onrustige slaap gestoord, zijn hand van hem af , en draaide zich in een snelle beweging op haar andere zijde .
Zij vouwde , en klemde daarbij beide handen tussen haar dijen . Nog hoger trok zij haar knieen op en begon daarna te rillen over haar hele lichaam .
Klyssen gooide de lakens die zij van zich af had geworpen , weer over haar heen en probeerde haar nogmaals wakker te maken .

Langzaam ontwaakte Ysiwit .
Zij wist dat iemand haar probeerde te wekken en wilde er liever geen gehoor aan geven maar toen zij haar ogen eenmaal open had , bemerkte ze al snel de donkerrode vlekken op haar nieuwe , sneeuwwitte tuniek .
Verdwaasd ging ze overeind zitten .
Toen kwamen de herinneringen naar boven .
Even keek ze Klyssen verloren in de ogen , zoveel wanhoop moet de Awani nooit eerder hebben gezien ! Haar ogen waren dof , zielloos , alle levenslicht ontnomen .
Haar mond viel open en zij bracht een lange schrille kreet van pijn uit .
Geschokt keek ze om zich heen , overal zag ze bloed .
Nogmaals schreeuwde ze het uit !
Het ging Klyssen door merg en been . Hij zat als verlamd op zijn knieen naast het bed , en kon geen enkele heldere beslissing meer nemen . Het was als was hij in een boze droom terecht gekomen . Bijna verdoofd zag hij Ysiwit opstaan van het bed . Hij zag hoe zij haar zwangere lichaam met ongeloof bekeek en weer hoorde hij haar onverdraaglijke weeklagen . Hij zag haar in totale ontreddering geraken , haar op zich toe komen en voelde haar nagels door zijn gezicht rijten toen zij in een uitbarsting van ongekende woede op hem toesloeg .
Te verdwaasd om nog meer verbijsterd te raken , kon hij haar alleen maar nastaren .Terwijl hij het bloed van zijn kin voelde druppen , zag hij dat ze luidruchtig begon te wenen alsof zij werd gegeseld , en vervolgens midden op de vloer ineenzakte .
Nog even heeft de Awani daar zo gezeten , voordat hem het besef terugkwam .
Toen is hij opgestaan en is naar de deur gelopen zonder Ysiwit nog enige aandacht te schenken . Daar heeft hij de sleutel uit het slot genomen , de deur achter zich gesloten en hem vergrendeld . De sleutel heeft hij bij zich gestoken , is het dorp ingegaan , en heeft zich erop toegelegd dat de lijken uit de toren werden gehaald en dat de onteerde vertrekken werden opgeruimd .
Daarna ondervroeg hij de poortwachters die op de nacht van de moord dienst hadden gehad . Maar veel wijzer werd hij daar niet van .

Het was al laat toen hij om een Coven gebood .
Omdat de nederzetting niet al te groot was , waren de familiehoofden en vrije Awani uit het dorp al snel na zijn oproep op het plein verzameld . De Kleine Rode ging net onder , toen de vergadering aanving .

Ook de Awani kent de Coven : de raadpleging van de verzamelde families en vrijen .
In zoverre hebben deze gemeen met de Coven zoals die in Lygann Kraw worden gehouden , dat zij raadplegingen zijn en dat beslissingen daar genomen bindend zijn . De Awani houden echter zelden Coven , hun regerende Huizen beslissen in vrijwel alle zaken , soms zelfs in Godszaken .
In Lygann Kraw wordt in de nederzettingen bijna dagelijks Coven gehouden . Grote Huizen van Heren hebben in de afgelegen dorpen diep in de wouden , nooit kunnen gedijen , de Lyganni aard staat zulks bovendien niet toe .
Het is dus ook de Coven in Awani verboden zich te mengen in Godszaken , daarin moeten ook zij vertrouwen in Godsspraak en de zaak laten gaan als die er om vraagt . In deze verschillen onze volkeren in wezen niet zo veel van elkaar .


Men zegt : zo was het al in de oude tijd , toen men nog in onwetendheid de Oude Goden aanbad , de tijd voor de Eerste Era , voor dat de Grote Goden die wij vandaag aanbidden op Atherin neerdaalden en de Groene Gewelven overmeesterden .
Coven is mensenspraak .
Mensenzaken zijn mensenzaken .
In mensenzaken wordt Coven ontboden .
In Godsvrees wendt men zich tot priesters .
Nu de kampioenen zijn gevallen ,
spreken hun Magusi Godsspraak .
Ook zijn er , zo zeggen enkelen ,die bezeten worden ,
en met Godsstem spreken ,
maar ik was daar nooit getuige van .

Vaak schreeuwt de kleine mens zelfvoldaan :
Geen die mijn have neemt ,
geen die mij en mijn familie onteerd of ons niet met gepast ontzag behandeld !
Dan neemt men zijn have ,
onteerd hem en zijn familie .
Men beschimpt hem , en bedreigd zijn verwanten ,
hoe eerbiedwaardig hij en zijn voorvaderen ook mochten zijn !
Overmand door wrok , de Grote Goden aanroepend neemt hij wraak op zijn belagers .
Mensenzaken ,
Coven .

Een andere keer schreeuwt de kleine mens getergd :
Geen die mijn have neemt ,
geen die mij en mijn familie onteerd of ons niet met gepast ontzag behandeld !
Dan neemt men zij have ,
onteerd hem en zijn familie .
Men beschimpt hem en bedreigd zijn verwanten ,
hoe eerbiedwaardig hij en zijn voorvaderen ook mochten zijn !
Overmand door wrok , de Grote Goden vervloekend neemt hij wraak op zijn belagers .
Godszaken .
Godsspraak .


Zelfvertrouwen veinzend , trad Klyssen voor het verzamelde vrije volk .
In werkelijkheid voelde hij zich klein en kwetsbaar .
Maar hij was de vertegenwoordiger van Brangels Huis en regent van het dorp , en wist dat hij een moeilijk , haast onwinbaar spel met als inzet de dood van Vrouwe Ysiwit moest gaan spelen .
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Admin
Admin
avatar

Aantal berichten : 211
Registratiedatum : 27-06-09
Leeftijd : 31

BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   wo aug 12, 2009 9:25 am

De oproeper heeft het eerste woord , zo ook Klyssen .
Hij begaf zich tussen de fakkels door , de kring in .
Toen ving hij aan te spreken , maar eerst lukte het hem amper zijn onzekerheid te verbergen :
” Verenigde vrije Awani , ik leg U de volgende zaak voor !
Gisteren nacht zijn er enkele brute en eerloze moorden gepleegd ! “
Er ging een weeklacht door het volk , iedereen had van de wandaden vernomen . maar de meeste families hadden wel een dode te betreuren . Velen waren woedend en schreeuwden om wraak . Hoewel de dader of daders onbekend waren , hadden zij schijnbaar al besloten wie de schuldige moest zijn . “ Die Slaneeshi-meid heeft het op haar geweten !” , riepen sommigen uit !
De gemoederen liepen hoog op , reeds dreigde de vergadering uit de hand te lopen .
Gedurende dat moment hervond Klyssen zijn zelfvertrouwen . Hij liep de kring langs en probeerde de aanwezigen tot bedaren te brengen door zijn overwicht te laten gelden . Na enige tijd lukte het hem wonderwel om de Coven weer tot rust te brengen , zodat hij het woord kon nemen . Zijn stem klonk nu krachtig en vastbesloten en het volk hoorde hem morrend aan .

” Awani ik zeg U dit ; Diegene die deze verachtelijke moorden op zijn geweten heeft , zal gevonden worden , en door mij persoonlijk terechtgesteld , al moet ik er Atherin vijf maal voor doorkruisen en ik heb … ! “
Juist toen Klyssen deze woorden uitgesproken had , wierp iemand uit de kring
hem honend toe :
” Zover hoef je niet te zoeken blind konijn , de dader woont bij jou op zolder ! “
De ene helft van het volk verstomde , de andere helft gierde het uit .
Klyssen liet zich door de onbeschaamdheid niet kleineren , een verbeten glimlach kwam op zijn gezicht . Hij draalde niet ,want hij had de stem herkend en stapte in de richting van waar uit de opmerking gekomen was . Daar wees hij de smid , voormalig wapenmeester van wijlen Koren aan . Het gelach stierf daarop vrij plotseling uit . Trots zei hij tot hem :
” Klyaan , kom naast mij staan en vertel de verzamelde eerbiedwaardige Awani dat gij
gezien hebt dat de Vrouwe Ysiwit deze moorden beging , of vertel hen , mocht gij daarvan zelf geen getuige zijn geweest , dat gij weet hebt van een ander die dat wel was en het U vertelde . Als dat laatste het geval mocht zijn , zegt dan de eerbiedwaardige vrijen
wie dat was , zodat wij de aantijgingen bij die persoon kunnen nagaan .”

De smid was beneveld door drank en voelde zich uitgedaagd . Hij stond op , strompelde de toortsenkring in , en ging stoer naast Klyssen staan .
Het was een kleine maar sterke kerel , jeugdig van uitstraling , hoewel zijn grijzende slapen van aanstaande ouderdom gewag maakten . Op zijn oude verfomfaaide tuniek prijkte het wapen van Korens Huis . In gaffel twee klimmende draken en drie halve manen op rij , hetzelfde blazoen dat op Ysiwits nieuwe , van bloed doordrenkte gewaad was geborduurd .

De smid was een gewaardeerd man in het dorp , hij was gefortuneerd en stond bekend als een vrijgevig en meegaand man . Daar hij de enige smid was die in de nederzetting dagelijks zijn ambacht uitoefende , had de Oude Koren hem destijds zijn wapentuig ter onderhoud en reparatie toevertrouwd . Daarbij was hem dan ook meteen de titel van Wapenmeester
gegeven , wat inhield dat hij in zijn ambachtsstukken het wapen van het Huis van Koren mocht slaan .
Zulks een eer valt alleen de meest bekwame meesters ten deel .
Wanneer een smid naast zijn meesterteken het wapen van een hoger Huis van de Awani mag inslaan , is zijn naam gevestigd , en kunnen hij en zijn familie voor de rest van hun leven , zonder angst voor armoede leven .

Klyaan was zelfs zo vermogend dat hij zich voor dan drie kwarten had ingekocht bij de lokale houtsnijders , en zeker de helft opstreek van de opbrengsten van de enige herberg die de nederzetting rijk was . Bijna iedereen in het dorp wist dit , en diegenen die het niet wisten hadden hun sterke vermoedens !

” Ik heb het niet zelf gezien en ik weet ook van niemand die het wel heeft gezien , “ sprak hij ,
” maar dat doet er ook niet toe !
Ik kan de eerbiedwaardige Awani vertellen wat er wel toe doet !”
Een gemene glimlach plooide zijn gezicht toen menigeen zijn naam uitschreeuwde .
Trots , afgunst en medelijden klonken vermengd , door in zijn lijzige stem .

” Mijn enige zoon , de jonge Krall vertrouwde mij een dag voor hij viel in de laatste slag tegen de Orc Tyra , het volgende toe :
’ Vader ‘ , zo zei hij , ‘ de Lyganni Vrouwe heeft zich aan mij vergrepen , en het moest van de Oude Chesne , want die heeft ons bij elkaar opgesloten , in de toren ! ‘ “

Het volk kon zijn lach niet inhouden , wat moest het hier van denken ?
De meesten kenden Krall , de veel te jonge zoon van de smid , en konden het zich daarom amper voorstellen , de knaap had zelfs geen spoor van baardgroei gehad .
En wat een beschuldiging richting de Oude Chesne , die iedereen in de nederzetting altijd zeer hoog had geacht en wier huis deze smid zelfs diende .Hij was enigszins verrast door het ongeloof dat in de vergadering scheen te overheersen , en had niet verwacht dat men hem zou uitlachen . Even wist hij zich geen raad .
Klyssen , zag dit ook en besloot hiervan gebruik te maken . Hij zette zijn handen in zijn zij en stapte hoofdschuddend heen en weer voor de smid langs . Hij liet de menigte joelen en schreeuwen in zijn verontwaardiging totdat hij zijn volgende woorden gekozen had .
Toen stak hij beide handen omhoog en wist de aanwezigen opnieuw tot rust en kalmte te manen . De wonden op zijn gezicht sprongen open en beten van de pijn toen hij zich eerst tot de smid en daarna tot de rest van de Coven sprak :
” Hooggeachte Wapenmeester Klyaan , hoewel uw beweringen zelfs al waren zij waar , en laten we eerlijk zijn , dat lijkt ons zeer twijfelachtig , hoe dan ook geen betrekking hebben op het geval waarom deze Coven verzameld is , en er dus daarom ook echt niet toe doen , bevatten zij dermate ernstige aantijgingen richting mijn zuster , wijlen Chesne die een ieder hier aanwezig als zijnde een goed en waarachtig Awani kende en richting haar aangenomen dochter de Vrouwe van de Lyganni , aan wie ik door een gezworen eed verbonden ben , dat
ik U hiervoor ter rechtspraak zou kunnen brengen , of U vanwege mijn eed meteen het hoofd af zou kunnen slaan . Maar gezien Uw staat van dienst zal ik beide nalaten …zeg zulk een onzin echter nooit meer !
Ga terug op Uw plaats Klyaan , wilt gij Uzelf niet meer beschamen als dat gij tot nu toe al hebt gedaan . Bespot Uw zo heldhaftig gevallen zoon niet zo , het past U niet ! “
De Smid droop wonderwel af , en liet zich sindsdien niet meer horen .

Terwijl hij dit zei , en er zich van bewust was dat hij de smid openlijk te kijk zette , wist hij
op de een of andere manier , dat er misschien een zeer pijnlijke waarheid in Klyaans verhaal kon schuilen . Klyssen twijfelde vanaf dat moment .
Hij had zijn zuster eigenlijk nauwelijks nog gekend sinds de jaren dat zij beide op de ouderlijke Veste te Amayuhn hadden gewoond. Chesne was destijds al
twee keer zijn leeftijd , eer haar hand uiteindelijk de Oude Koren toeviel en zij afreisde om alhier in deze Nederzetting te gaan wonen .
De gedachte heeft vanaf dit moment tijdens de Coven , nooit meer zijn hoofd verlaten .
Had zijn zuster Korens huis veiliggesteld door de vruchtbare Vrouwe Ysiwit over te halen zich te laten bezwangeren door een onwetende knaap , van wie zij kon voorzien dat deze het nooit zou kunnen navertellen ?
Zou zij daadwerkelijk op deze manier de droge lendenen van Koren de Onfortuinlijke op wonderbaarlijke wijze , onverwacht nageslacht hebben willen laten voortbrengen ?
Had de Lyganni hieraan meegewerkt , of had zijn zuster haar gedwongen of bedrogen ?

Maar nu ging het hier niet over , en het leek Klyssen beter dit onderwerp ook in de toekomst te vermijden totdat hij daadwerkelijk wist hoe de zaak in elkaar stak .
Daarom sneed hij opnieuw de kwestie ter zake aan .
” …En ik heb mijn vermoedens omtrent de schuldigen !
Maar ze zijn allang het dorp uit !
Binnen een maanloze nacht zijn er de Sproeifeesten , Ik weet dat iedere man of vrouw op het veld nodig is …
maar toch heb ik enkele wapendragende Awani nodig die met mij de verdachten ter ondervraging zullen moeten halen , de wacht is slechts klein in getal , hun dienst is hier , van de wachters kan ik er dus geen meenemen .
Zulk een misdaad kan niet ongestraft blijven eerbare Awani !
Wie gaat er met mij ? “

Iedereen aanwezig in de vergadering leek een beetje overdonderd door deze onverwachte vraag .
Men staarde elkaar aan , mompelde wat , maar niemand behalve een Vrouwe van middelbare leeftijd scheen zich bij hem aan te willen sluiten .Haar man probeerde vergeefs haar tegen te houden , wat tot algemeen vermaak van de vergadering leidde .Zij sloeg fel van zich af en wees hem zijn plaats .
Onder luid hoongelach stapte zij uiteindelijk trots de toortsenkring binnen en stelde zich voor aan Klyssen :
”Mijn naam is Chainysne , Vrije dochter van Eisnysne , ik ga met U , anders dan de rest van de laffe Awani ! “
Zij was een Schone Vrouwe , heur haren ,blond en kort geschoren , haar gestalte was klein en gespierd , en zij straalde kracht en meer dan vluchtig , jeugdige ervaringen uit .
aan haar zijde hing een korte , maar goed onderhouden Doorn .
Klyssen deed moeite om nog vertrouwen in zijn eigen zaak te houden toen hij bemerkte dat niemand anders dan deze dappere Vrouwe de zaak steunde . Eigenlijk achtte hij zichzelf verloren , en had de moed al opgegeven .

Toen stapte plotseling , geheel onverwacht …uit het duister …
Ysiwit in al haar schoonheid de toortsenkring binnen .
Zij was ondanks haar zwangerschap , gekleed in volle wapenrusting .
Haar ogen waren wezenloos , maar haar gezicht was kundig met blauwe spiralen en pijlen beschilderd .
Zij droeg strak aansluitende beenstukken van fijne ringen vervaardigd ,die tot halverwege haar dijen reikten zoals het hoorde . Lange passende , dikleren laarzen daaroverheen . Een wijd hemd van nog fijnere ringen , dat haar gezette borsten en buik niet beknellende , en tot net over haar beenstukken viel en een ruim zwart leren tuniek zonder banier daarover heen .
Haar ravenzwarte haar was in een staart gebonden en haar hand rustte op het gevest van wijlen Chesnes Doorn die aan haar zijde hing . Op haar rug hing het vreemde ronde schild , Korens trofee uit vergeten oorlogen dat zij ooit van de schouw had genomen . Blauw en wit , een rode gevleugelde Draak daarover .
” Ik ga ook mee Awani ! ”
Zo sprak zij ….
Klyssen zocht in ongeloof , zo onopvallend mogelijk naar de sleutel van haar kamer en vond die ook !
De Coven was plotseling stil , en wachtte in spanning af wat er ging gebeuren .


Eens was er een Godsvrezend Priester
Elke dag zag hij vanaf een hoge klif over zee , ver van hem een eiland .
Hij pijnigde zichzelf met de vragen :
Is het eiland over de straat werkelijk zo ver als men zegt , en hoe zou het er zijn ?
Hij rustte een zeewaardige schuit uit , om een poging te wagen er te landen .
De eerste dag nadat hij uitgevaren was , sloeg een plotselinge storm toe .
De zeilen scheurden , de touwen knapten .
onverrichter zake keerde de Priester terug .
Maar hij gaf niet op .
Nogmaals zocht hij een zeewaardige schuit en voer uit .
Maar het schip liep op de klippen , het roer brak en de romp kraakte .
Alleen in een sloep kwam hij terug .
Toen huurde hij , vastbesloten om het geheim te ontrafelen , een kleine vloot van drie schepen in .
Bij zijn derde poging om het eiland te bereiken vergingen alle boten en hun bemanning.
De Godsvrezende priester bereikte deze keer het eiland , maar vond er niets dat anders was dan hij al kende …
Hij keerde nooit terug , maar dankte de Goden… en loofde alle dagen in stilte hen die voor het verkrijgen van deze onmetelijke kennis hun leven hadden gegeven .


Einde van het vijfde Deel van de legende van Ysiwit ,
na gedegen onderzoek opgetekend te Bashoa’m Tall in
Lygann Kraw door Efiswit , priesteres van de Lyganni

*Einde deel 5*
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken http://stichtingatherin.actieforum.com
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: Geschriften van Ysiwit   

Terug naar boven Ga naar beneden
 
Geschriften van Ysiwit
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Stichting Atherin :: Atherin IC :: (Nara) Carrillon :: Bibliotheek-
Ga naar: